Ik kan begraven

Een dode in de familie of vriendenkring. Het is soms een ramp, soms een voorziene gebeurtenis, maar het is nooit routine. De achtergeblevenen betreden plotseling een vreemd gebied. Ze moeten gaan zorgen voor een persoon die ze goed kennen, maar die zelf afwezig is. Hoe moet dat? Veel mensen leggen op dat moment hun lot in handen van een willekeurige begrafenisondernemer. Hij is de expert, hij zal het wel weten. Dat is waar, maar het kan geen kwaad te weten dat bij begraven (of cremeren) weinig moet en veel mag. Het is zelfs mogelijk een groot deel zelf te doen. De nabestaanden ontlenen daar vaak troost aan, ze zijn dan geen toeschouwer, maar deelnemer aan een ritueel.

Voor een uitvaart is een begrafenisondernemer dus niet per se nodig. Toch is het nuttig er een in te schakelen – maar dan een die begrijpt dat zijn rol vooral die van begeleider en adviseur is. Moderne begrafenisondernemers – uitvaartbegeleiders – vatten hun taak ook zo op, maar sommigen nemen het heft stevig in handen. Les één: informeer bij bekenden of ze een uitvaartverzorger kunnen aanraden.

De uitvaart begint bij het moment dat een behandelend arts of de huisarts de dood heeft geconstateerd. De arts schrijft dan een verklaring van overlijden en geeft een formulier mee voor het Centraal Bureau voor de Statistiek, de `doodsoorzaakverklaring'. Met deze papieren kan iedereen zich melden bij de burgerlijke stand van het gemeentehuis van de plaats waar het sterfgeval heeft plaatsgevonden. Als hij dan ook een geldig identiteitsbewijs van zichzelf, van de dode en ƒ13,75 leges bij zich heeft, kan hij aangifte van overlijden doen. In ruil daarvoor ontvangt hij een `verlof tot verbranding of begraving'. Het kan geen kwaad meteen nog een ander document te vragen: een uittreksel van de akte van overlijden. Zo'n uittreksel is bijvoorbeeld van belang voor de notaris en de verzekeringen – maak daar meteen maar een paar kopieën van.

Met het verlof moet je zo snel mogelijk naar de beheerder van een begraafplaats of crematorium stappen om een afspraak te maken voor de teraardebestelling of crematie. Begraven en verbranden moet geschieden in daartoe aangewezen instellingen; men mag zijn dierbaren niet in de achtertuin verbranden of begraven. Bedenk hoeveel tijd je wilt uitrekken voor de plechtigheid en de koffie of de drank daarna. Een uur is het minimum, langer is meestal mogelijk.

Een dode mag niet binnen 36 uur worden begraven of gecremeerd, en niet later dan op ,,de vijfde dag na die van het overlijden''. Uitstel van een of twee dagen is in veel gevallen mogelijk. Daartoe moet eerst de arts toestemming worden gevraagd. Met die toestemming, en een schriftelijk verzoek tot uitstel, kan bij het gemeentehuis officieel uitstel worden verkregen. In de tussentijd kan een dode worden opgebaard. Thuis bijvoorbeeld. Als er geen koele kamer voorhanden is kan een koelinrichting uitkomst brengen. Een goede begrafenisondernemer verhuurt 'm.

De kist. Ook hier geldt weer dat weinig is voorgeschreven. De Wet op de lijkbezorging spreekt slechts van ,,de kist of het andere omhulsel''. Een stevige doek, een zelfgetimmerde kist, alles kan. Voor het transport naar begraafplaats of crematorium is ook niets voorgeschreven. Een open kar, een boot, de eigen stationwagen, alles is mogelijk. Op de begraafplaats of het crematorium: idem dito. Nergens staat geschreven dat het de employés van de begrafenisondernemer moeten zijn die de kist dragen. Steeds vaker zie je dat de vrienden of familieleden dat willen doen. Dat is mooi werk, maar bedenk dat het zwaar is om kist, stoffelijk overschot en draagbaar tien minuten op de schouders en over een grindpad te torsen. Ook als je het met zijn achten doet. Houd dus een paar reservedragers van de juiste lengte achter de hand. Oefen ook een keer met het op de schouders nemen. Het is niet moeilijk, maar iedereen moet synchroon handelen. Een goede begrafenisondernemer zal graag als coach optreden.

Na aankomst bij de grafkuil is zelfwerkzaamheid ook mogelijk. Aan touwen de kist de kuil in laten zakken – dat kunnen vrienden en familieleden heel goed zelf, evenals het dichtscheppen van de kuil. Overleg het van te voren met de beheerder van de begraafplaats, hij kan voor een berg aarde en spaden zorgen. Het is niet erg om op een begrafenis te zweten.

Met dank aan Wils Klok, uitvaartbegeleider.

    • Warna Oosterbaan