Alleen binnen wordt gehuild voor Öcalan

In de Koerdische `hoofdstad' Diyarbakir wordt kalm gereageerd op de bevestiging van het doodvonnis tegen PKK-leider Öcalan. De mensen houden hun gevoelens binnenskamers.

De bezoekers van het café in de Koerdische `hoofdstad' Diyarbakir spelen de hele dag kaart. Af en toe kijken ze op, maar dan alleen als het televisietoestel in de hoek iets interessants te melden heeft.

Zo flitsen hun ogen om negen uur even van de kaarten naar de televisie: een groep Nederlandse meisjes komt naar Turkije, zegt Star-tv, om foto's te maken voor de Playboy. Maar tien minuten later gooit iedereen de kaarten op tafel. Binnen enkele seconden staan de Koerden voor het kleine beeldscherm. Het spel is voorbij: de doodstraf van de leider van de Koerdische Arbeiderspartij, Abdullah Öcalan, is bevestigd in hoger beroep, zo maakt datzelfde Star in een speciale uitzending bekend.

De bezoekers van het café reageren kalm op het nieuws. Want ook in Diyarbakir, in het zuidoosten van Turkije, worden de tranen getemperd door het besef dat het allemaal niet zo'n vaart zal lopen. ,,De Turken willen Öcalan graag ophangen'', zei ülent (niet zijn echte naam) maandag al, ,,maar ze doen het niet omdat het niet mag van Europa''. Een lange rij sprekers op de Turkse televisie geeft hem, vanmorgen na het vonnis, gelijk. Een woordvoerder van de invloedrijke ondernemersbond TÜSIAD legt uit dat de Europese Unie zeker de kandidatuur van Turkije zal afwijzen, als Öcalan wordt opgehangen. ,,En dan kunnen wij de toekomst van de Turkse economie verder ook wel vergeten'', voegt hij daar somber aan toe.

Even later, terwijl de kaartspelers al weer aan een nieuw potje bezig zijn, laat de televisie beelden zien van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens. Daar wil Öcalan nog verhaal halen, weten de mensen in Diyarbakir, want Europa is tegen de doodstraf. En heeft president Demirel niet gezegd dat hij zich bij een Europees oordeel zal neerleggen?

Toch is het niet alleen rationaliteit, maar ook blinde angst die de kalme reactie van de stad op het vonnis verklaart. ,,Als je nu langs de huizen loopt'', zegt Serhat (niet zijn echte naam), ,,zie je heel veel mensen die niet willen eten of die huilen.'' Diyarbakir heeft toegeleefd naar deze dag, vertelde Kemal (niet zijn echte naam) gisteren, maar de mensen houden hun verdriet binnenskamers. In cafés, clubs, en andere openbare gelegenheden heeft de politie immers overal verklikkers neergezet. Al te veel bekommernis met het lot van Öcalan lijkt al snel op sympathie voor de PKK. En in een stad waar zo ongeveer op elke hoek van de straat een politieauto staat, zouden tranen voor de PKK-leider het begin kunnen zijn van een nieuwe zee van verdriet.

Angst – het is een constante factor in het dagelijks leven in Diyarbakir. Buitenlandse bezoekers krijgen voortdurend een escorte van de politie. ,,Voor je eigen veiligheid'', zegt het hoofd van de persafdeling in de stad. ,,Want er zijn hier veel mensen die je wat aan zouden kunnen doen en dat willen wij niet.'' Maar de buitenlandse bezoekers zelf krijgen een uiterst vriendelijke blik van de Koerden – voor het politieëscorte daarentegen is er enkel haat.

Hoe ver de `bescherming' gaat blijkt bij een afspraak met een Koerdische man in een van de weinige clubs die Diyarbakir kent. Uit beleefdheid blijven een paar van de politieagenten buiten staan wachten. Maar de commissaris komt binnen en gaat ongevraagd bij het gezelschap zitten. Een vriendelijk verzoek om weg te gaan, wordt genegeerd. Na een dringend uitgesproken wens om op te krassen, laat de commissaris weten dat hij blijft ,,wat er ook gebeurt''. De commissaris houdt van praten, zegt hij, en hij wil graag meebabbelen.

Een van zijn eerste bijdragen aan het gesprek bestaat er echter uit dat hij de Koerd vraagt hoe hij het heet en waar hij woont. Als de politieagenten die buiten stonden te wachten, binnenkomen, voegt hij hun toe de buitenlandse bezoekers ,,geen seconde alleen te laten, wat er ook gebeurt''.

In de auto, op weg naar een volgende club, blijkt het effect van het vriendelijke gesprek dat de commissaris met de Koerd voerde. Na even, als kleine daad van verzet, te hebben meegeneuried met een Koerdisch bandje, laat de Koerd weten dat hij ergens anders naar toe moet. Als hij uitstapt, slaat hij het portier dicht en sloft weg – angstig wat de rest van de nacht zal brengen.

    • Bernard Bouwman