`Huisarts moet spil van de zorg zijn'

Een medische denktank met daarin oud-staatssecretaris Simons bedacht een geheel nieuw design voor de gezondheidszorg.

De huisarts en in mindere mate de patiënt moeten de spil van de gezondheidszorg worden. De huisarts moet niet alleen bepalen welke hulp zijn patiënt nodig heeft en van wie, maar er ook op toezien hoe de hulp gegeven wordt en wat de kosten zijn.

Dit verkondigt de notitie Op uw gezondheid, geschreven door de vroegere staatssecretaris H. Simons (Volksgezondheid), voorzitter prof.dr. J.J. Sixma van de Gezondheidsraad en organisatie-adviseur dr. T. van Asseldonk. De drie ontwikkelden bij wijze van gedachtenexperiment een alternatief voor de manier waarop de zorg in Nederland is georganiseerd. Zij deden dat op verzoek van de Max Geldens Stichting. In het nieuwe zorgstelsel zou de nadruk ook meer moeten liggen op gezond blijven en minder op het verzorgen van (chronisch) zieken.

Volgens de opstellers van de notitie is het huidige zorgstelsel vastgelopen. De kosten lopen uit de hand, maar desondanks klagen Nederlanders over wachtlijsten, onvriendelijke en autoritaire bejegening en krijgen ze vrijwel geen (medische) behandeling op maat. Daarnaast wordt het stelsel in toenemende mate geconfronteerd met de gevolgen van het openen van de grenzen en blijkt de sturing ervan vast te lopen door de sterke regulering en aanbodbeperking.

De oplossing die de drie voorstellen is een `kanteling' van de helegezondheidszorg. Niet de overheid, verzekeraars, ziekenhuizen en inrichtingen moeten aan de touwtjes trekken, maar de burger samen met zijn huisarts. De huisarts is allereerst verantwoordelijk voor alle hulp die zijn patiënt krijgt. Daarbij geldt als uitgangspunt dat alle burgers over eenzelfde basispakket (waaruit overbodige en onwerkzame behandelingen zijn verwijderd) kunnen beschikken. De huisarts beslist of de behandeling die een patiënt vraagt ook daadwerkelijk nodig is. Tevens krijgt hij het beheer over het budget dat voor elke patiënt beschikbaar is.

De overheid bepaalt hoeveel geld er in totaal voor de zorgsector beschikbaar is. Op basis van ervaringsgegevens (zoals leeftijd, ziektegeschiedenis) krijgt elke patiënt een budget toebedeeld dat door de huisarts wordt beheerd. De huisarts bepaalt en betaalt daarvan alle hulp die voor betrokken patiënt nodig is: fysiotherapeut, medisch-specialist, ziekenhuis, medicijnen. Om het systeem beheersbaar te maken en het financiële risico voor de huisarts te beperken gaan de opstellers ervan uit dat meerdere huisartsen samenwerken en een netwerk opzetten met andere hulpverleners. Het is in deze opzet de huisarts die op basis van bewezen kwaliteit voor zijn patiënt de beste en goedkoopste hulp koopt.

Door deze wijze van werken ontstaan er allerlei nieuwe vormen van zorgaanbod. Dat kunnen gespecialiseerde (poli)klinieken zijn - waarbij het niet uitmaakt of het privé-klinieken dan wel reguliere instellingen zijn) of centra die bejaarden thuis aangepaste hulp naar wens leveren. De huisarts zal er steeds voor zorgen dat er zo doelmatig mogelijk hulp wordt verleend omdat hij wil voorkomen dat hij aan het einde van het jaar geld tekort komt. Het opnieuw opzetten van het zorgstelsel kan tot kostenbesparing leiden. Ervaring met `redesign' in andere bedrijfstakken leert dat de kosten met 40 procent dalen.

Directeur-generaal volksgezondheid dr. H.J. Schneider, die gisteren namens minister Borst de notitie in ontvangst nam, maakte duidelijk er weinig heil in te zien. Borst heeft volgens hem een andere koers ingezet. Maar volgens Simons biedt het plan een unieke kans want er komen drie politieke stromingen in samen: ,,De sociaal-democratie met haar accent op solidariteit, de liberale principes van marktwerking en de christen-democratische beginselen van kleine en lokale zorggroepen.''