Op intensive care loopt kwart zieken infectie op

Zo'n kwart van de patiënten op een intensive care loopt daar een of meer infecties op. Dit komt voor een deel door de slechte conditie van de meeste patiënten en voor een ander deel door de toepassing van katheters, infusen en beademingsapperatuur. De ziekenhuizen wijken met dat percentage niet veel af van het besmettingsniveau in veel omringende landen.

Dit blijkt uit het jaarrapport over ziekenhuisinfecties op de afdelingen voor intensieve zorg van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu en het Kwaliteitsinstituut voor de Gezondheidszorg CBO. De rapportage maakt deel uit van het kwaliteitsproject waarbij ziekenhuizen de eigen besmettingscijfers vergelijken met het landelijk gemiddelde. Voor de jaarrapportage werd gebruik gemaakt van de cijfers van tien ziekenhuizen. Aan het project doet een derde van alle ziekenhuizen mee. Eerder verscheen een jaarrapport over wondinfecties na een operatie. Die kwamen bij ruim 3 procent van de patiënten voor, het meest bij darm- en urinewegoperaties (tot ruim 14 procent).

Voor het onderzoek naar ziekenhuisinfecties op de intensive care werden de gegeven van 990 patiënten gebruikt die langer dan 48 uur op de afdeling verbleven. Van hen liep 15 procent een longontsteking op tijdens hun verpleging, 9 procent kreeg een infectie aan de bloedbaan en een op de tien liep een infectie aan de urineweg op. Eenderde had te kampen met meerdere ziekenhuisinfecties. Over het totaal gezien kreeg 26 procent een of meerdere infecties. Van de patiënten werd ruim tweederde beademd en had 89 procent een urinekatheter. Het gebruik van kunstmatige beademing, infusen en katheters verhoogt de kans om geïnfecteerd te raken fors.