Microsoft nu ook in rechtszaak door klanten belaagd

Consumenten in Californië die zich bekocht voelen door Microsoft zijn naar de rechter gestapt. In een zogeheten class action rechtszaak beschuldigen ze de monopolist Microsoft van een te hoge prijs voor Windows.

De klagers beroepen zich op de feitelijke bevindingen in de rechtszaak tegen Microsoft die ruim twee weken geleden bekend zijn geworden. Rechter Thomas Penfield Jackson heeft daarin de uitspraak gedaan dat Microsoft met Windows een monopolie geniet op het gebied van besturingssystemen. Bovendien heeft Microsoft die positie misbruikt, onder meer door overvragen voor Windows 95 en Windows 98.

Consumenten redeneren nu dat als ze te veel hebben betaald ze dat geld terug kunnen vragen, plus een schadevergoeding. Nu dit gebeurt in een rechtszaak kan het gevolg zijn dat tientallen miljoenen gebruikers van Windows zich zullen aansluiten bij de aanklachten. In het geval van een dergelijke `groepsrechtszaak' kan dat in elke fase van de rechtszaak, zelfs na de uitspraak. Microsoft is vorig jaar mei aangeklaagd door het departement van Justitie wegens schending van de Amerikaanse antimededingingswetten en misbruik van zijn monopoliepositie. Na een procesvoering van maanden heeft de rechter nu zijn bevindingen geopenbaard, in februari volgend jaar doet hij een rechterlijke uitspraak.

De groepsrechtszaak in Californië, die gisteren werd aangespannen in San Francisco, werd in de afgelopen twee weken al voorafgegaan door soortgelijke zaken in New York en New Orleans. Er kunnen er nog meer volgen, vooral na februari als er een uitspraak is met een wettelijke status. De feitelijke bevindingen hebben die nog niet. Juristen menen echter dat Jackson zo uitgesproken is geweest in zijn feitelijke bevindingen dat zijn uitspraak in februari van dezelfde strekking zal zijn.

Tijdens het proces kwamen de prijs van Windows en de leveringsvoorwaarden aan pc-producenten uitgebreid aan de orde. Microsoft bleek verschillende prijzen te hanteren en vroeg meer voor Windows als het bedrijf Microsoftvijandig werd geacht. IBM bijvoorbeeld was geen vriendje van Microsoft, Dell wel. Dus kopers van IBM-computers met Windows betaalden verhoudingsgewijs meer voor Windows dan kopers van Dell-computers.

Ook bleek dat Microsoft, toen het in de aanloop tot de lancering een prijskaartje aan Windows moest hangen, concludeerde dat bij een vraagprijs van 49 dollar het bedrijf winst maakte, maar dat pas bij 89 dollar sprake was van prijsmaximalisatie. Nu Microsoft is bestempeld tot monopolist speelt dit een belangrijke rol.

Een moeilijkheid in de zaak is dat bijna niemand Windows los koopt. De meeste consumenten krijgen het besturingssysteem automatisch in hun computer bijgeleverd. In ongeveer achttien staten geldt echter dat ook bij een indirecte afname van een product een consument schadevergoeding kan eisen, zij het dat die beperkter is dan wanneer de afname direct was.

Een ander probleem is dat de rechter niet heeft aangegeven sinds wanneer Microsoft een monopolie heeft. In New York en New Orleans beperken de rechtszaken zich dan ook tot Windows 98, terwijl Californië Windows 95 en Windows 98 erbij betrekt.

Een woordvoerder van Microsoft verklaarde in een reactie dat het bedrijf ,,zich zal verdedigen en indien nodig agressief zal verdedigen''. Waarnemers achten Microsoft op dit moment niet kansloos in de zaken, al hangt veel af van hoe de rechterlijke uitspraak in februari uitpakt.

De drie advocaten die de zaak helpen aanspannen zijn ervaren in groepsrechtszaken. Terry Gross, Francis Scarpulla uit San Francisco en Daniel Mogin uit San Diego doen al twintig jaar niets anders dan gedupeerde groepen consumenten vertegenwoordigen.

,,Een schikking in de rechtszaak verandert niets aan onze zaak'', aldus Gross in de New York Times. ,,De bevindingen dat Microsoft een monopolie is en zijn macht misbruikte door consumenten te hoge prijzen te vragen blijft overeind.''