Kloppen en zagen op St. Maarten

De orkaan Lenny, die dagenlang St. Maarten in zijn greep hield, is verdwenen. Wat bleef was een enorme puinhoop. De koningin bezocht gisteren direct het Bovenwindse eiland.

Alleen de fundering staat er nog. Verslagen staat James Hendriks tussen het puin: gebroken stoelen, een omgekiepte ijskast, potten en pannen in het wrakhout. Het zinken dak ligt als een verfrommelde krant naast het huis. De `visuele schade' van Lenny mag minder zijn vergeleken met Luís, het echtpaar Hendriks en vier kleine kinderen zijn alles kwijt.

Zondagmorgen half acht. In de wijk `Over the Bank' aan de rand van Philipsburg klinkt overal geklop, getik, gezaag. De wederopbouw is begonnen zodra de mensen hun huizen uit mochten. De buren van Hendriks hebben minder pech; zij repareren alleen hun daken, verandaatjes, ramen en deuren. Er is geen weg, alleen een door het water uitgesleten spoor, en de circa vierhonderd bewoners hebben geen idee hoe ze het puin weg kunnen ruimen. Een vrouw wacht geduldig op de brandweer; een losgerukte boom barricadeert haar enige deur, ze zit al sinds woensdag opgesloten. ,,Ik vertrek naar een ander eiland'', zegt ze door het raam. ,,Zes orkanen in vijf jaar is een beetje te veel.''

In wijken als deze, waar veel buitenlanders en illegalen wonen, hebben de mensen geen hurricaneshutters en verstevigde huizen. Ook Cul de Sac, noordelijk van Philipsburg, biedt een trieste aanblik. Elektriciteitspalen zijn als luciferhoutjes geknakt, huisraad en was liggen uitgestald op het gras om te drogen, de pagina's van een doorweekte bijbel fladderen in een briesje.

Het Caravanseraihotel en bijbehorende restaurant zijn verwoest, maar chefkok Dino Jagtiani is vanmorgen toch om vijf uur opgestaan om te koken voor koningin Beatrix, vertelt zijn vader trots.

Koningin en prins maakten gisteren een bustocht over het eiland, bezochten een beschadigd elektriciteitsbedrijf en een ziekenhuis waarvan een deel van het dak is verdwenen. Ook spraken ze met eilandbewoners. Gezaghebber Richardson van St. Maarten zei dat de bevolking van het eiland het bezoek zeer waardeerde. ,,De mensen dachten dat de koningin en prins niet meer zouden komen door de orkaan. Ze stellen dit gebaar van solidariteit zeer op prijs.'' Vandaag bezoekt het paar Saba en St. Eustatius.

De grootste twee hotels van het eiland, Maho Beach en Great Bay, zijn zo gehavend, dat ze waarschijnlijk voor lange tijd dicht moeten. Salt Pond, het binnenmeer achter Philipsburg dat nu nog de straten overstroomt, loopt traag leeg, het wachten is op de zware pompen uit Nederland. De universiteitsgebouwen staan in een halve meter water. De toestand van de wegen is erbarmelijk.

Toch heeft St. Maarten geleerd van vorige orkanen. Een ,,geluk bij een ongeluk'', benadrukt staatssecretaris Gijs de Vries (Koninkrijkszaken) onvermoeibaar, is dat veel huizen steviger zijn gebouwd. Scholen en wijken die na Luís met Nederlands geld zijn opgebouwd hebben de orkaan glansrijk doorstaan. ,,Er is geen acute nood'', constateert M. Buis van het Noodhulpverkenningsteam van het ministerie van Defensie. Er zitten geen mensen op straat, er is water en eten, en het openbare leven is weer op gang gekomen. De voorlopige balans is dan ook dat ,,het meevalt''.

Wel erkent ook De Vries dat Lenny de economie van St. Maarten een ,,optater'' heeft gegeven. Veel particulieren en ook sommige hotels zijn niet verzekerd omdat de premies sinds Luís onbetaalbaar zijn geworden. De economische gevolgen voor het toerisme zullen nog ernstiger zijn. Het seizoen, dat volgende week had zullen beginnen, heet al verloren te zijn. Als de grote hotels dicht gaan zal dat ook veel banen kunnen kosten. Op termijn kon deze orkaan wel eens duurder blijken te zijn dan Luís, die naar schatting meer dan een miljard gulden heeft gekost, aldus Arjen Visser van ABN Amro.

En dan is er het persoonlijke leed. Aan de handen van Ellen Rosario ontbreken nog steeds een paar nagels. Die zijn sinds Luís, toen ze het dak moest tegenhouden om haar dochter te beschermen, niet meer aangegroeid. ,,Of ik bang was? Ik heb gebeden, gebeden. Mijn kinderen wilden niet eten. Na Luís, Marilyn, Bertha, George, José en Lenny heb ik mijn besluit genomen, ik ga naar Nederland. Mijn hart is te zwak, en dit is niet goed voor kinderen. Het is iedere keer een trauma.''

,,Je bouwt niks op. Je bent steeds alleen maar aan het opruimen en schoonmaken'', zegt Marion Meijer, een Nederlandse die al vijftien jaar op St. Maarten woont. ,,Luís dak eraf, George dak eraf, José, vluchten voor het water. Ik ben net weer beter van de haakworm, die ik opliep na José. Wormen in mijn huid, doodziek was ik er van.'' Meijer vraagt zich af wat de ondergelopen vuilstort in Salt Pond voor onheil kan brengen. Nu al zwermen kleine hinderlijke vliegen rond. Velen vragen zich ook af hoe investeerders zich zullen opstellen na Lenny. ,,Orkanen zijn hier geen risico meer, maar een zekerheid, kunnen we dat in de toekomst überhaupt nog verzekeren?'', aldus Meijer.

Er is ook opluchting. ,,We hebben het overleefd, schouders eronder'', klinkt het in de straten. De supermarkten fungeren bij het ontbreken van open cafes als dorpspomp. Nieuws wordt uitgewisseld, flessen bier gaan open. Er wordt weer gelachen. ,,St. Maarten heet iedereen welkom, wie St. Maarten kent wil niet meer weg'', zegt de voorganger in de katholieke kerk. ,,Zelfs Lenny wou niet meer weg.'' Ook koningin Beatrix kon er om glimlachen.

    • Edith Schoots