Doden bij beschieting kerk Sri Lanka

Bij de beschieting van een katholieke kerk in het noorden van Sri Lanka zijn zaterdag zeker 42 burgers om het leven gekomen. De 450 jaar oude Madhu-kerk ligt in het district Mannar waar het regeringsleger en de separatistische Tamil Tijgers de afgelopen weken zware strijd hebben gevoerd, ruim 200 kilometer ten noorden van de hoofdstad Colombo. Beide partijen beschuldigen elkaar ervan verantwoordelijk te zijn voor de granaatbeschieting.

Onder de slachtoffers zijn 13 kinderen, aldus een priester van de kerk. Op het terrein van de kerk hadden zich de afgelopen weken ruim 3.500 vluchtelingen verzameld. Volgens een woordvoerder van het regeringsleger vuurden de Tamil-rebellen zaterdagavond granaten en mortieren af op de kerk.

In een verklaring vanuit hun hoofdkwartier in Londen ontkenden de Tamil Tijgers ,,categorisch'' verantwoordelijk te zijn voor het bloedbad, waarbij overwegend Tamil-vluchtelingen de dood vonden. Nadat zij de omgeving rondom de kerk vorige week hadden ,,bevrijd'', hadden de Tamil Tijgers afspraken gemaakt om geen troepen te plaatsen rondom de kerk, uit respect voor het katholieke heiligdom. Voor katholieke Sri-Lankanen is de kerk, die in de zeventiende eeuw werd gebouwd door Hollandse kolonisten, het belangrijkste pelgrimsoord op het eiland. De Heilige Hart-kapel van de kerk in Madhu werd compleet verwoest bij de aanval, aldus Rayappu Joseph, de bisschop van de gavenstad Mannar.

Het bloedbad vormt een nieuw dieptepunt in de recente veldslagen tussen het leger en de rebellen. Bij het offensief dat de Tamil Tijgers enkele weken geleden inzetten zijn honderden soldaten en rebellen om het leven gekomen. De Tamil-rebellen, die sinds 1983 strijden voor een onafhankelijke Tamil-staat in het noorden en oosten van het eiland, veroverden de afgelopen twee maanden zeker honderd dorpen en plaatsen in de regio tussen Mannar en Vavuniya. Het regeringsleger probeert al twee jaar een 70 kilometer lange weg te veroveren die een landdoorgang opent naar de enclave Jaffna, een schiereiland in het uiterste noorden dat wordt beschouwd als het centrum van de Tamil-minderheid, maar dat sinds enkele jaren wordt gecontroleerd door het leger.

Het offensief van de Tamil Tijgers is volgens waarnemers het antwoord op de voor 21 december aangekondigde presidentsverkiezingen. President Chandrika Kumaratunga, tevens minister van Defensie, hield de bevolking jarenlang voor dat ze de burgeroorlog zou beëindigen, die aan ongeveer 60.000 mensen het leven heeft gekost. Op het eiland leven ongeveer 14 miljoen Sinhalezen en 3 miljoen Tamils.