Voor de illegale dagloner is Spanje een doorgangsland

Spanjaarden willen het werk niet meer doen, dus worden steeds vaker illegalen ingezet om te oogsten. Maar die willen niet lang blijven in dit `concentratiekamp zonder hekken'.

Een huis, een auto en goed werk, dat was wat Tarik (25) in gedachten had toen hij twee jaar geleden zijn dorp in de buurt van Marrakech verliet. In een gammele boot stak hij met gevaar voor eigen leven de Straat van Gibraltar over, weg van de armoede in Marokko. Nu woont Tarik samen met zes andere landgenoten in een hut op een vuilnisveldje tussen de kassen van de Zuid-Spaanse stadje El Ejído.

,,Dit mijn villa'', zegt Tarik in gebroken Spaans, terwijl hij een juist gevild konijn aan een verkoolde plafondbalk hangt. Binnen staan onder een zelfgebouwd plafond van gestapelde oude deuren twee oude sloopstoelen. Een jute zak voor de ingang moet de vliegen buiten houden. De slaapkamers: matrassen met grauw beddegoed. Er hangt een lucht van zweet en etensresten. Geen toilet, geen licht. Het water wordt met jerrycans stiekem uit de gemeentelijke waterputjes getapt.

In El Ejído, waar de aaneengesloten plastic tuinbouwkassen als grijze gletsjers van het Gádor-gebergte af komen schuiven, zijn de illegale immigranten onderdeel van het landschap. Honderden wonen er in hutten tussen het vuilnis. Groepjes mannen klitten samen bij benzinestations en voor de cafetaria in de hoop dat ze in de truck van een tuinder kunnen springen om voor ruim zestig gulden per dag tomaten, paprika's of aubergines te kunnen plukken. Het is hier, zeggen de mannen in de hut van Tarik, een ,,concentratiekamp zonder hekken'': wie in en rond de kassen blijft wordt door de politie ongemoeid gelaten. Maar wie zich waagt in de toeristenzone of in steden als Almería loopt kans opgepakt te worden waarna onherroepelijk uitwijzing volgt.

Naar schatting tussen de 100.000 en de 200.000 illegale buitenlanders hebben in Spanje de derde wereld op de stoep gebracht. In Andalusië en rond Madrid ontstaan sloppenwijken, Marokkaanse zwerfkinderen bevolken de straten van Barcelona en Ceuta. De spanningen lopen op. Uit enquêtes onder de jeugd blijkt een groeiende onvrede over buitenlanders, waarbij Marokkanen en Algerijnen bijna net zo impopulair zijn geworden als de zigeuners. Het blijft niet alleen bij woorden. Vorige week werd een opvangcentrum voor minderjarige immigrantenkinderen op het eiland Fuerteventura aangevallen. Deze zomer kwam het in Barcelona tot vechtpartijen met skinheads. En in het gebied rond El Ejído zorgde een bende jongeren binnen een maand tijd voor een vijftigtal incidenten, waarbij vooral Marokkanen en Algerijnen het moesten ontgelden. Als protest kwam het zelfs tot een staking van de illegale dagloners.

,,Als je hier boodschappen doet in de supermarkt kijken de mensen je altijd wantrouwend aan'', vindt Tarik. ,,Als je vies bent van het werken is het `hé een vieze Moor', als je er netjes uitziet werk je waarschijnlijk niet en ben je een dief. Het is nooit goed.'' De situatie is explosief, menen zowel migranten als de lokale bewoners. ,,De Marokkanen zijn lastposten en ruziemakers. Kijk maar naar de politie-rapporten. Zelfs onderling raken ze slaags'', meent tuinder Juan Marruecos, terwijl hij een hapje uit een tomaat neemt. Zelf kan hij beter opschieten met donkere jongens uit landen van onder de Sahara. Zoals Julio, Pierre en Jobico uit Guinee-Bissau die even verder in de kas bezig zijn met de pluk. De aanvragen voor hun legalisering zijn reeds de deur uit. Marruecos biedt zijn werkers onderdak naast de ingang van de kassen: een slaapkamer met stapelbedden, een wasruimte, woonkamer keuken. ,,We hebben zelfs een douche'', zegt Julio tijdens de rondleiding.

Het aantal legale buitenlandse werknemers de komende jaren spectaculair toenemen, nadat afgelopen week de immigratieregels zijn versoepeld. In Spanje leven ruim 700.000 buitenlanders met een officiële verblijfsvergunning, 141.000 daarvan komen uit Marokko. Werkgevers in de bouw en de agrarische sector spreken van honderduizenden arbeidsplaatsen die ondanks de hoge officiële werkloosheid steeds moeilijker kunnen worden gevuld. Een nieuwe immigratiewet en overeenkomsten met een aantal landen als Equador, Colombia, Mali, Roemenië en Polen moet het aantal legaal in Spanje werkende buitenlanders daarom drastisch opvoeren, zo zijn de plannen. Met Marokko werd vorige maand de eerste overeenkomst getekend. ,,Dit is een eerste belangrijke stap'', zo noemde minister van Werkgelegenheid Manuel Pimentel het contract. Zijn beleidsmakers verwachten dat binnen drie jaar tijd het aantal legale immigranten tot 1,5 miljoen is gestegen om in het gebrek aan werkkrachten te voorzien.

Eduardo López, tuinder en onderhandelaar namens de agrarische belangengroep Coag: ,,Wij hebben er alle belang bij dat de illegale werkers gelegaliseerd worden.'' Het risico van boetes van de arbeidsinspectie maakt het aantrekken van illegale krachten niet aantrekkelijk. Hij is voorstander van een minimum-periode dat de gelegaliseerde immigrant bij zijn werkgever moet blijven. ,,Nu zie je in een aantal gevallen dat ze legaal worden en na een aantal maanden stoppen met hun werk, een uitkering ontvangen en zwart bij blijven klussen'', zegt hij. ,,We hebben hier op dit moment 6000 officieel geregistreerde buitenlandse werklozen. Hoe is dat nou mogelijk midden in ons hoogseizoen?''

In de hut van Tarik worden geen doekjes gewonden over de toekomst: zo snel mogelijk weg uit Spanje. ,,Als ik geweten had wat me hier te wachten stond was ik nooit gekomen'', zegt Said. Maar nu lijkt het er op dat de procedures voor legalisering hier het makkelijkst binnen Europa is hij bereid het nog wel een tijdje uit te zingen. En daarna weg richting Frankrijk of Duitsland. De rest knikt instemmend. ,,Ze willen niet dat we hier blijven en gelijke rechten krijgen'', zegt Said. ,,Spanje is een doorgangsland.''

    • Steven Adolf