Julius Caesar als sul tussen de bierreclame

`Over hoeveel eeuwen zal deze imposante scène worden nagespeeld?' Toneelgezelschap Dood Paard heeft er net een moord op zitten: de moord op Julius Caesar. De gigant uit de wereldgeschiedenis vond zijn einde op een ingezeepte vloer. Hij wankelde, gleed uit en viel - en dat was het dan.

Ontdaan van imposante scènes is ook de rest van de voorstelling J.C. Het decor biedt niet veel meer dan een rijtje vaandels met daarop verkleurde reclameslogans voor een of ander biermerk. De kostuums komen eveneens van de rommelmarkt en de windmachine hapert. In deze povere setting doen de acteurs hun uiterste best zich niet te veel in te spannen. Ze hangen wat rond in het vaandelgordijn, of ervoor, of ernaast, of erachter, en zit hun beurt erop, dan drinken ze (een ironisch commentaar op sponsoring in de kunst?) bier van hetzelfde merk als dat op de vlaggen.

Ze sloven zich dus niet uit want toneel is maar toneel en de `ongebreidelde geestdrift' die een der moordenaars zijn kompanen aanbeveelt gaat aan Dood Paard voorbij. De tientallen personages die de vijf spelers voor hun rekening nemen krijgen amper vorm. Zelfs de hoofdpersonen van Shakespeares tragedie Julius Caesar, want daar is J.C. op gebaseerd, zien af van tragisch gedoe. Brutus (Kuno Bakker) en Cassius (Günther Lesage, met olijk Vlaams accent) zijn als aanvoerders van de samenzwering tegen Caesar geen contrasterende karakters maar inwisselbare types die allebei uit persoonlijke frustratie naar de macht grijpen. De door Shakespeare beoogde spanning tussen idealisme en opportunisme, tussen egoïsme en `t dienen van het algemeen belang valt weg en daarmee een hoop nuancering. Geen seconde heeft de Dood-Paard-Brutus last van de vriendschap die hem met Caesar verbond en Caesar zelf gedraagt zich zo sullig dat je niet begrijpt waarom zijn dood een verlies betekent voor het Romeinse volk.

Ook Octavius, een van de mannen die de moord op Caesar wreekt, denkt alleen maar aan macht en de enige minder eenduidige figuur is Octavius's bondgenoot Marcus Antonius. Manja Topper, tevens de tekstbewerkster, houdt een redevoering die een schitterend staaltje is van demagogische retoriek, een ultra-geraffineerd mengsel van echte en gespeelde emoties en gebracht met een poeslieve stem. J.C. barst van de redevoeringen en als de andere acteurs daar nou ook eens wat meer werk van maakten, dan zou het soms heel mooie Nederlands iets langer blijven hangen.

Voorstelling: J.C., naar Julius Caesar van Shakespeare, door Dood Paard. Gezien: 17/11 Theater Cosmic, Amsterdam. Aldaar nog 20/11. Tournee t/m 29/1. Inl. (020) 4214990.

    • Anneriek de Jong