Zalig

Even buiten het centrum ligt de kerk van de heilige Stanislas Kostka. Boven in de gewelven hangen de vaandels van Poolse rebellen, de muren zijn bezaaid met herinneringsplaquettes voor verzetsmensen en brigadegeneraals. Achter het altaar hangt de geschiedenis van Solidariteit. En daartegenover, bijna als een kruiswegstatie, foto's van de in 1984 vermoorde priester van deze kerk, Jerzy Popieluszko, prekend, pratend, vrolijk zwemmend. Alles in dit gebouw gaat uit van het simpele principe dat, zoals de gids zegt, ,,de liefde voor God loopt via de liefde voor het vaderland''. Popieluszko deed daarom vanaf 1982 hetzelfde als later de kerken in de DDR zouden doen: hij organiseerde `patriottische' missen, waarbij iedereen al biddend zijn gram kon halen tegen het regime.

Op een oktoberavond in 1984 werd hij uit zijn auto getrokken en doodgeslagen. De daders bleken drie hoge officieren van de Staatsveiligheid te zijn. Ze werden – voor het eerst – berecht en veroordeeld. De affaire trok een nieuwe lijn: Polen pikte geen Stalin-methoden meer. En de kerk had een martelaar.

,,Polen zijn slechte gelovers'', zegt een vriend. ,,Hun kerk is een echte volkskerk, met de nadruk op rituelen, symbolen, herhalingen. Grote denkers vind je er weinig, vooralnu.'' Hij had Popieluszko goed gekend. ,,Ook geen intellectueel. Maar hij had wel het vuur.''

Mensen lopen af en aan om te bidden: voor Maria, voor het kind Jezus, voor Popieluszko. Buiten ligt zijn graf, door vrijwilligers nog altijd bewaakt. Op de kaarsen en chrysanten valt de sneeuw. De zaligverklaring is al op de post.

    • Geert Mak