Twijfel aan spijt van Haider over grievende uitspraken

Heeft Jörg Haider werkelijk spijt van uitlatingen waarin hij het nationaal-socialisme heeft geprezen? De leider van de extreem-rechtse FPÖ in Oostenrijk is wel vaker op uitspraken teruggekomen.

Waren de excuses gemeend of was het slechts de zoveelste publiciteitsstunt? Sinds de leider van de extreem-rechtse FPÖ, Jörg Haider, vorige week vrijdag tijdens een speech met de titel `Wij democraten' spijt betuigde voor `aan hem toegeschreven' uitlatingen over het nationaal-socialisme, houden de discussies over de waarde van Haider-verklaringen in de Oostenrijkse media niet op.

,,Wat betekent `aan mij toegeschreven uitspraken'?'' vroeg Standard-commentator Hans Rauscher zich af, ,,heeft hij deze uitspraken nu gedaan of niet? En waarom wendde hij zich uitsluitend tot overlevenden en hun nabestaanden, denkt hij dat alleen zij aanstoot nemen aan vergoelijkingen van het nationaal-socialisme?''

Voorstanders van een politieke samenwerking met de FPÖ, zoals de conservatieve minister van Gezinszaken Martin Bartenstein, gaan er van uit dat Haiders excuses oprecht waren. ,,Ik heb geen reden om aan zijn woorden te twijfelen'', aldus Bartenstein. ,,Het is in ieder geval een begin en het zal het beeld van Oostenrijk in het buitenland verbeteren.''

Dat is echter de vraag, want Haider heeft tijdens zijn tournee door Europa zeer tegenstrijdige verklaringen afgelegd. Zo noemde hij zich in Parijs `gaullist' en in Londen een aanhanger van Tony Blair, nadat hij in Oostenrijk nog had verklaard de ware erfgenaam van de legendarische kanselier Bruno Kreisky te zijn. Op CNN vertelde hij nooit voor oud SS'ers te zijn opgetreden terwijl dit optreden op film is vastgelegd en op tv is uitgezonden. Haider prees de oude mannen omdat zij aan hun overtuiging hebben vastgehouden. Hij had zijn optreden niet eerder ontkend, maar altijd volgehouden dat zijn uitspraken door zijn vijanden verkeerd waren geïnterpreteerd.

Haider komt wel vaker op eerdere uitspraken terug. Deze zomer vertelde hij aan journalisten van de staatsomroep ÖRF dat zijn collega-gouverneurs lui waren. Toen protesten kwamen, riep Haider: ,,Dat heb ik nooit gezegd.'' De ORF zond eerst zijn ontkenning en vervolgens het gewraakte deel van het gesprek uit. In een interview met het Weense weekblad Falter vlak voor de verkiezingen had hij Hitler, Stalin en Churchill op één rij gesteld, achteraf was hij niet bereid dat interview te autoriseren. Falter publiceerde toen alleen de gestelde vragen maar het Liberale Forum verspreidde ook Haiders antwoorden via internet. Mede daardoor was zijn optreden in Londen geen succes.

Toen Haider later tijdens het journaal zei dat het hele interview een uitvinding was, kreeg hij van Falter tot 4 november de tijd om deze uitspraak terug te nemen. Haider reageerde niet en Falter publiceerde vorige week het hele – op band opgenomen – interview. Eerder had het weekblad al een soort `toespraak' van Haiders meest omstreden uitspraken samengesteld, waaronder zijn lof op het werkgelegenheidsbeleid van de nazi's, samen met de ontkenning dit beleid ooit geprezen te hebben. ,,Ik was daar nooit positief over, ik had het slechts over historische feiten'', verklaarde hij. Over zwarte Afrikanen zei de FPÖ-leider ,,Ik was met mijn gezin bij vrienden in Namibië omdat ik wilde zien hoe het samenleven met zwarten verloopt als ze in de meerderheid zijn. Ik moet zeggen het is een probleem, ze kunnen helemaal niets, het is echt hopeloos.''

Niet alleen de voor verschillende uitleg vatbare excuses worden in de kranten breed uitgemeten. Ook de felle aantijgingen tegen organisatoren en deelnemers van de anti-racisme demonstratie vorige week zien commentatoren als bewijs dat Haiders houding niet wezenlijk is veranderd. Hij noemde zijn tegenstanders ,,gefrustreerde, op hol geslagen 68'ers en fanatici die uit hetzelfde milieu komen als de linkse terroristen''. Kritische journalisten beschreef hij als ,,linkse ideologen die bewust angsten oproepen'', en dat terwijl Oostenrijk al zucht onder een ,,georganiseerde hezte vanuit het buitenland''. Voor deze kritiek op Oostenrijk stelde hij de ,,zeurende intellectuelen die hun eigen land in gijzeling houden'' verantwoordelijk. Toen hij riep dat het afgelopen moest zijn met het ,,pseudo-intellectuele gezwets over vreemdelingenhaat, want het is toch zeker geen schande om eerst voor het eigen land op te komen'', werd hij door zijn aanhang met een staande ovatie beloond.

    • Karin Jusek