Papieren succes

NOTA BENE IN ISTANBUL, voor veel orthodoxe christenen nog altijd Constantinopel, is Rusland in het nauw gedreven. Terwijl de Westerse leiders de top van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) gisteren gebruikte om de Kaukasus-politiek van Moskou te kritiseren en president Jeltsin hun te verstaan gaf dat zij zich niet met zijn `binnenlandse aangelegenheden' moesten bemoeien, sloten Azerbajdzjan, Georgië en Turkije in de zijlijn van de bijeenkomst onder toeziend oog van de Amerikaanse president Clinton een contract voor een oliepijpleiding. Zowel het feit dat Jeltsin vervolgens voortijdig de conferentiezaal verliet (en overigens goed geluimd huiswaarts vloog) als deze olie-overeenkomst illustreert dat Ruslands greep op de energiebronnen in de Kaspische Zee en de distributiekanalen in de Kaukasus meer en meer wordt betwist.

Het conventionele wapenverdrag dat vanmorgen door de dertig deelnemende staten is ondertekend, valt bij deze twee gebeurtenissen in het niet. Ten eerste omdat Clinton het nieuwe verdrag pas wil laten ratificeren als Rusland zijn troepen in de zuidelijke ex-Sovjet-republieken heeft gereduceerd. Dat alleen al is voor Moskou een moeilijk te honoreren eis. Uit Georgië zijn de Russen bereid zich terug te trekken, maar in Moldavië willen ze nog even blijven en over de aanwezigheid in de eigen Kaukasus is helemaal geen discussie mogelijk. Ten tweede omdat de pijpleiding – die de Kaspische Zee straks via Baku en Georgië verbindt met het Turkse Ceyhan aan de Middellandse Zee – een directe bedreiging is voor vitale Russische belangen in de regio.

HOEWEL DE TOP van de OVSE officieel in het teken stond van een actualisering van de oude verdragen over de reductie van troepen en materieel (CSE) en de rechten van de mens (Helsinki), ging het in Istanbul veeleer om de nieuwe verhoudingen binnen de Euro-Aziatisch-Amerikaanse organisatie. Dat bleek ook bij de besprekingen over de naleving van de zogeheten `derde mand' van de OVSE. Weliswaar heeft de Russische minister van Buitenlandse Zaken een verklaring ondertekend waarin de lidstaten zich wederom verplichten tot naleving van `Helsinki' in eigen huis. Maar, zo heeft Moskou onmiddellijk opgemerkt, bemiddeling in Tsjetsjenië vanwege de OVSE is niet nodig.

Deze dubbelzinnigheden plaatsen de OVSE voor een dilemma. Welke middelen heeft ze om haar eigen normen af te dwingen? Het Westen lijkt over de beste papieren te beschikken: kredieten. Maar dat indirecte wapen moet niet worden overschat. Rusland op zijn beurt is namelijk bezig nieuwe stellingen te betrekken. De `antiterroristische' campagne in Tsjetsjenië oogt als een voorbode voor een introverte en autarkische positie, die aan klassieke emoties in eigen huis appelleert. In ons isolement schuilt onze kracht, is een oud Russisch idee dat de afgelopen tien jaar slechts sluimerde maar nu weer openlijk de kop opsteekt.

De ouderwetse diplomatie en de geopolitieke werkelijkheid lopen meer en meer uiteen. De OVSE-top is dan ook vooral een succes op papier, van goede bedoelingen en handtekeningen. Het echte geopolitieke werk speelt zich elders af.