Oud-verspringer leidt atletiekfederatie

Het hoofdbestuur van de Internationale Amateur Atletiek Federatie (IAAF) heeft gisteren besloten om Lamine Diack aan te stellen als opvolger van de deze maand overleden voorzitter Primo Nebiolo. De keuze voor de 66-jarige Senegalees viel te verwachten, omdat hij de oudste van de drie vice-voorzitters was. Hij blijft aan tot het volgende congres van de IAAF, in 2001.

Diack moet het beleid dat onder Nebiolo was uitgestippeld bewaken. Hij sprak bij de begrafenis van de Italiaan al de belofte uit dat hij diens ideeën `niet zou verraden' en dat de atletiek ook in de toekomst `sterk en verenigd' zou blijven. Toch uitte Diack bij zijn benoeming ook verkapte kritiek op zijn voorganger. De Afrikaan wil meer in teamverband gaan werken. ,,Primo was een koning'', zei hij over Nebiolo. ,,Maar het tijdperk van koningen, pausen en dictatoren is voorbij. Wij zijn menselijke wezens.''

Diack, een advocaat, werd al tijdens het bewind van de Nederlander Adriaan Paulen bestuurslid van de IAAF. Dat was in 1973, acht jaar later nam Nebiolo de leiding over. Diack heeft de dictatoriale Italiaan altijd gesteund. Als beloning mag hij voor twee jaar de voorzittershamer hanteren. Diack en Nebiolo troffen elkaar voor het eerst in 1959 tijdens een bijeenkomst voor studerende sportmensen in Turijn.

De nieuwe voorzitter is een tussenpaus. Mede door zijn gevorderde leeftijd zal Diack na 2001 vrijwel zeker niet definitief worden aangesteld als voorzitter van de IAAF. Er zijn verscheidene jongere kandidaten voor die begeerde post. Niemand van hen lijkt momenteel op steun van een meerderheid te kunnen rekenen. Nu de oppermachtige Nebiolo er niet meer is, zal er de komende twee jaar intern bij de IAAF een grote machtsstrijd gaan ontstaan. Het zou zelfs de werkzaamheden van het bestuur onder leiding van Diack kunnen belemmeren.

Diack, vader van vijftien kinderen, was in zijn jeugd een verdienstelijk verspringer. Hij won in 1958 het Frans kampioenschap met een sprong van 7,63 meter. In 1963 werd de Afrikaan secretaris van de Senegalese atletiekbond. Van 1974-'78 was hij voorzitter van de organisatie. Buiten de atletiek was hij van 1964 tot '68 technisch directeur van het Senegalese voetbalelftal. Hij is tegenwoordig ook voorzitter van het nationaal olympisch comité van zijn land.

Diack zal als kopman van de IAAF de harde strijd tegen het dopinggebruik in zijn sport moeten voortzetten. Steeds vaker beschermen nationale bonden hun eigen atleten, zoals dat recent het geval was met de sprinters Christie en Ottey. Zij werden betrapt maar door hun federaties vrijgesproken. Diack zei gisteren meer contact te willen zoeken met atleten die doping hebben gebruikt, om meer informatie te krijgen over hun beweegredenen. ,,We moeten met z'n allen de strijd aangaan. Alleen kan de IAAF het niet.''