Liefde is een hond uit het niets

Veel romans gaan over liefde. Sommige alleen wat meer dan andere. De beschikbare man was verlegen van de jonge Israelische schrijfster Jaël Hedaja gaat uitsluitend over liefde. Het speelt in Israel, maar had door de universele thematiek evengoed elders gesitueerd kunnen zijn.

De beschikbare man was verlegen is als een inzoomende telelens, die de personages steeds dichterbij haalt. In het eerste van de drie verhalen zijn er de hond, de man en de vrouw, die naamloos blijven. Het verhaal wordt voor een groot deel vanuit het perspectief van de hond verteld, zonder dat dit geforceerd aandoet, wat op zichzelf al een grote prestatie is. De hond is een subtiel symbool voor de prille, onvoorspelbare liefde: hunkerend, angstig, destructief. Het is een hongerig jong zwerfhondje dat aan zijn lot is overgelaten. De man en de vrouw nemen hem bij hun eerste afspraakje mee naar binnen, in het huis van de vrouw. Ze geven hem te eten, met de bedoeling hem de volgende dag weer op straat te zetten. Mooi is de passage waarin de man na de eerste nacht weggaat en in het ongewisse laat of hij terug zal komen. De vrouw krijgt ineens te doen met de hond. Zij identificeert zich met zijn eenzame lot, en besluit hem te houden. Later komt de man terug met een cadeautje voor de hond. Man en vrouw aaien de hond, die tussen hen in ligt en hervinden elkaar. Als zij hem uitlaat houdt de vrouw de hond strak aangelijnd, de man daarentegen laat hem los lopen, met een aan onverschilligheid grenzend vertrouwen.

Dit verhaal illustreert de onzekerheid van een beginnende relatie. De hoop dat dit de grote liefde wordt, de angst die liefde weer kwijt te raken. De eerste crisis wordt herkenbaar neergezet, evenals de eerste kennismaking met elkaars vrienden. Ook is er de bedreiging en de rivaliteit van de vrijgezellenvriendin die de twee bij elkaar heeft gebracht. En dan is er het eeuwige probleem van de communicatie tussen man en vrouw, die beiden een andere taal lijken te spreken.

Dat gebrek aan communicatie is onderwerp van het tweede verhaal. De vertelster is Maja, wier breuk met Natan parallel loopt aan de scheiding van haar ouders. Natan en Maja gaan uit elkaar als Maja erachter komt dat Natan een andere relatie heeft die hij voor haar had verzwegen. De scheiding van de ouders vindt plaats op initiatief van haar moeder, die gedurende dertig jaar huwelijk last had van de schaduw van haar overleden voorgangster. Deze eerste vrouw werd door beide echtelieden doodgezwegen en kreeg daardoor bovenmenselijke proporties. Pas na de scheiding praten ze voor het eerst over haar en wordt de spookgedaante uit het verre verleden teruggebracht tot een mens van vlees en bloed.

Ook in het laatste verhaal uit De beschikbare man was verlegen, over het verval van de liefde en van het leven, is sprake van een schaduw uit het verleden. Mati heeft vroeger een hevige liefde beleefd met een veel jonger meisje, dat hem tot zijn verdriet verlaten heeft. Nu heeft hij kinderen met een andere vrouw, en raakt hun gezinsleven ontwricht door de hersentumor die hem velt. In de ik-vorm vertellen beide vrouwen hun versie van het verhaal over de relatie met Mati en het einde daarvan. De vrouwen ontmoeten elkaar uiteindelijk in het ziekenhuis als Mati op sterven ligt. Daar raken hun verhaal en hun lot zo met elkaar verbonden dat niet meer uit elkaar te houden is wie wanneer aan het woord is. Om weer terug te komen op de inzoomende telelens: we komen nu zo dichtbij de personages dat hun contouren vervagen en in elkaar overgaan.

Hedaja's observatievermogen komt het beste tot zijn recht als ze afstand houdt. Het eerste verhaal is het beste.

Hedaja laat zich niet verleiden tot psychologiseren, ze zet de personages neer in al hun naaktheid; maar dat staat een beeldende en gedetailleerde manier van vertellen niet in de weg. Dit boek boeit: van de titel op het omslag tot en met de foto op de achterflap, waar de auteur uitdagend haar schouder laat zien, met daarop een getatoeëerde Hebreeuwse tekst. Misschien kan die een volgende keer ook vertaald worden.

Jaël Hedaja: De beschikbare man was verlegen. Uit het Ivriet vertaald door Hilde Pach.

Meulenhoff, 336 blz. ƒ45,-

    • Judith Uyterlinde