Afspraken bij top OVSE

De belangrijkste punten uit het vanochtend in Istanbul door de 54 OVSE-landen ondertekende Handvest voor Europese Veiligheid luidt:

,,Deelnemende staten zijn verantwoording schuldig aan hun burgers en verantwoordelijk ten opzichte van elkaar voor de uitvoering van hun verplichtingen in het kader van de OVSE. Wij zien deze verplichtingen als onze gemeenschappelijke prestatie en beschouwen deze als zaken van onmiddellijke en legitieme zorg van alle deelnemende staten.'' Deze formulering houdt in dat binnenlandse conflicten door OVSE-landen niet langer kunnen worden afgedaan als interne aangelegenheden.

De OVSE krijgt de bevoegdheid sneller op te treden om mogelijke conflicten te beslechten, de bescherming van mensenrechten te bewaken, verkiezingen te controleren en landen die getroffen zijn door conflicten te helpen bij de wederopbouw.

De belangrijkste punten in het nieuwe Verdrag inzake de Conventionele Strijdkrachten in Europa (CSE) zijn:

Halvering van de zwarewapenarsenalen in de Europese landen. Het eerdere CSE verdrag (1990) voorzag in 40.000 tanks, 60.000 pantservoertuigen, 40.000 stuks geschut, 13.600 oorlogsvliegtuigen en 4.000 gevechtshelikopters in het gebied tussen de Atlantische Oceaan en de Russische Oeral. Rusland, dat de grootste wapenvoorraden bezit, mag nu niet meer dan 6.350 tanks hebben, terwijl de VS in Europa nog 1.812 tanks mogen hebben.

In het kader van het vergroten van het onderlinge vertrouwen tussen de lid-staten krijgen de landen meer mogelijkheden om over en weer te controleren of iedereen zich aan de afspraken houdt.

In een slotverklaring stellen de OVSE-landen over de kwestie Tsjetsjenië:

,,Wij komen overeen dat een politiele oplossing essentieel is en dat de hulp van de OVSE kan bijdragen aan het bereiken van dat doel. Wij verwelkomen de toestemming van de Russische Federatie om de voorzitter van de OVSE het gebied te laten bezoeken.'' Tot nu toe had Rusland zich verzet tegen het toelaten van een buitenlandse delegatie tot Tsjetsjenië.