Naweeën van de renteverhoging

Het besluit van de ECB op 5 november om de rente met 50 basispunten te verhogen liet vorige week de vraag naar krediet in het eurogebied niet onberoerd. In deze week werd voor het eerst een nieuwe herfinancieringstransactie aangeboden tegen het verhoogde tarief van 3 procent. De hogere rente ging gepaard met een lagere vraag naar krediet.

Financiële instellingen schreven slechts voor een bedrag van 404,8 miljard euro in op de nieuwe faciliteit, terwijl de inschrijving op deze faciliteit in het afgelopen half jaar gemiddeld 1.053 miljard euro was. Waar de banken de vorige verslagperiode in anticipatie op de renteverhoging zelfs een dertigvoud van het toegewezen bedrag vroegen, majoreerden zij bij de 50 basispunten hogere rente beduidend minder. Van de inschrijving werd uiteindelijk 18,3 procent toegewezen, waarmee de herfinancieringsfaciliteit uitkwam op 74 miljard euro, hetzelfde bedrag als de oude faciliteit.

De renteverhoging door de ECB vormt niet de enige verklaring voor de lage inschrijving en majorering. De banken zaten ook ruim bij kas. Gemiddeld hielden zij deze reserveperiode 104,7 miljard euro op de reserverekening aan, terwijl de reserveverplichting 103,5 miljard euro bedraagt. Hierdoor was de behoefte aan krediet van de centrale bank beperkt.

Bovendien lag vorige week de daggeldrente ongeveer 3 basispunten beneden de herfinancieringsrente van 3 procent. Dit maakte het voor banken aantrekkelijker om direct geld in de markt te lenen. Deze lagere daggeldrente hangt samen met het naderende einde van de reserveperiode. In verband met de overreserves zetten banken overtollige liquiditeiten in de markt uit, waardoor de daggeldrente nu al onder de 3 procent ligt.

Ook andere posten konden de geldmarkt vorige week nauwelijks in beweging brengen. Belastingafdrachten in het eurogebied veroorzaakten een verkrapping van de geldmarkt. Dit is terug te vinden in de post overheid, die met 1,8 miljard euro toenam. Hier stond een kleine verruiming tegenover door een 0,2 miljard euro groter beroep op de marginale beleningsfaciliteit en een afname van de bankbiljetten in omloop met 0,9 miljard euro.

Per saldo verkrapte de geldmarkt enigszins.

Bron: ING Economisch Bureau