RICA-RICA IKAN UIT SULAWESI

Indonesië, de grootste islam-natie ter wereld, telt 220 miljoen inwoners onder wie 12,5 miljoen christenen. In het vruchtbare, groene district de Minahasa in de provincie Noord-Sulawesi (het vroegere Celebes) is de bevolking overwegend en intensief protestant. De talloze, extravagant gebouwde kerken zijn hiervan uitbundig getuige. Als geen andere bevolkingsgroep in de archipel zijn de Minahassers beïnvloed door de Nederlandse cultuur. Dit gaat echter geenszins op voor hun keuken die gekenmerkt wordt door veelal scherp gepeperde en rijk gekruide gerechten. Door de omringende rijke visgronden is er vooral een keur aan verse vis te koop die dan ook niet ontbreekt op het menu van elk zichzelf respecterend restaurant. Maar wandelend door Manado, de hoofdstad, valt de rondwandelende toerist op dat bepaalde eethuizen op hun uithangbord de letters RW (rintek wuuk) vermelden. Dáár moet men zijn voor de regionale delicatesse: gebakken hond, een gewaardeerd onderdeel van het menu. Laten wij het echter maar houden bij een van hun visgerechten: rica-rica ikan (spreek uit: rietja-rietja). Maak in de blender of in de vijzel een pasta van de Spaanse pepers, de sjalotjes, de knoflook, de gember, het limoensap, de olie en het zout. Laat dit mengsel in een pan op een laag vuur enige minuten zachtjes koken en daarna afkoelen. De schoongemaakte red snapper wordt een uur van tevoren ingewreven met limoen- of citroensap en (zee)zout. De afgekoelde pasta wordt vervolgens, samen met de bosui, aan de binnen- en buitenkant van de vis gewreven. In een hete, voorverwarmde oven een kwartier grillen. Af en toe omdraaien. Serveren met plakjes tomaat. Dit gerecht kan ook met kip worden bereid, maar dan worden er 2 à 3 fijngesneden tomaten aan de pasta toegevoegd.

    • Rasi Hati