Melkert buigt nadeel om in voordeel tijdens Waddendebat

Geen boringen in de Waddenzee, stelt de Tweede Kamer. Maar minister Jorritsma houdt nog een mogelijkheid open.

Wat zeurde de Kamer toch? Mooier kon ze het zich toch niet wensen. Want een kabinet dat geen mening heeft, biedt de Kamer maximale ruimte. Zelf zag Ad Melkert dat als ,,een buitengewoon leefbare situatie''.

De afronding van het Kamerdebat over gaswinning in de Waddenzee was gisteren vooral een politiek steekspel. PvdA-fractieleider Melkert haalde daarbij de volle winst binnen.

Twee weken geleden was hij nog een geplaagd man die zich in een onmogelijke positie bevond – klem tussen Kok en zijn partij, klem tussen wél boren en niet boren. Gisteren kregen twee PvdA-moties (tegen boren en voor alternatieve winning in de Noordzee) een meerderheid, trok D66 een eigen, verderstrekkende motie in, hield het CDA een eigen, duidelijker motie, aan en werd een motie van GroenLinks, om het kabinet te binden aan een tijdslimiet, verworpen.

Het debat ging er om of het kabinet, dat intern verdeeld is, voorlopig nog mag blijven zwijgen over het al dan niet toestaan van gasboringen onder de Waddenzee. In het verlengde daarvan was het voor de oppositie vooral de vraag of de PvdA die opstelling gedoogt. `Labbekakkerig', typeerde oppositieleider De Hoop Scheffer (CDA) de opstelling van het kabinet. `Zonder precedent', hoonde Rosenmöller (GroenLinks). Waar haalde dit `hooghartige' kabinet de euvele moed' vandaan aan de opvatting van de Kamer voorbij te gaan, sneerde Marijnissen (SP).

Melkert maakte van een nadeel een voordeel. Hij had er geen enkele moeite mee dat het kabinet geen mening geeft over de PvdA-motie die ,,nieuwe mijnbouwactiviteiten'' in de Waddenzee categorisch afwijst. Voor de PvdA stond de uitkomst tenslotte al vast: niet boren. Hij kon het kabinet echter tegelijk niet verbieden zijn eigen ,,zorgvuldige'' afweging te maken. Maar het kabinet moet het tegelijk niet te gek maken: het moet de Kamer wel op korte termijn helderheid bieden, zo dicteerde hij.

Hoe lang mag het kabinet nog de tijd nemen voor het een definitieve keuze maakt, zo luidde vervolgens de vraag. Op 8 december vervalt de termijn waarbinnen het kabinet de NAM moet laten weten of vergunningen worden verleend, zij het dat die termijn strikt formeel nog met drie maanden kan worden verlengd. Het kabinet, beloofde minister Jorritsma, probeert voor 8 december een standpunt in te nemen, maar het kan ook ,,enkele dagen'' later worden. Zij wilde ,,het kleine bruggetje'' waarlangs zij onderzoekt of gasboringen zonder ,,onherstelbare'' milieuschade mogelijk zijn nu eenmaal graag ,,tot het einde aflopen''.

Rosenmöller eiste een harde toezegging dat de Kamer voor 8 december duidelijkheid krijgt. De minister wilde dat niet zonder meer toezeggen. Waarop GroenLinks haar gelijk in vierde termijn via een motie probeerde te halen.

`Een beetje flauw', oordeelde Jorritsma. `Overdreven', meende ook De Hoop Scheffer. `Overbodig', oordeelde Melkert.

Waarna Melkert zijn winst binnenhaalde: de motie tegen de gasboringen kreeg de steun van alle fracties, minus de VVD. De motie voor compenserende gasboringen in de Noordzee kreeg geen steun van VVD en D66, maar maar wel een krappe en bijzondere meerderheid dankzij het CDA en de kleine christelijke fracties.

Zo gaf en nam de PvdA-fractie: ze gaf het kabinet ruimte en hernam haarmilieuprofiel. En fractieleider Melkert deed het zonder ruzie te krijgen met zijn premier.