Turkije heeft in augustus zijn les wel geleerd

Na de aardbeving van augustus was de kritiek op de Turkse autoriteiten vernietigend. Maar zij hebben lessen getrokken.

Al bij de wegversperring voor Düzce, waar het epicentrum van de aardbeving van vrijdag lag, blijkt dat de Turkse autoriteiten lessen hebben getrokken uit de eerdere ramp van augustus. ,,Mag ik er door?'' smeekt een automobilist die uit de richting van Istanbul gekomen is. ,,Mijn vader is om het leven gekomen bij de aardbeving en ik wil hem nog graag een keer zien voordat hij wordt begraven.'' Een lagere politieman geeft de man eerst het antwoord dat zovelen in augustus kregen en dat de Turken in woede tegen het staatsapparaat deed ontbranden. ,,Regels zijn regels'', zegt de agent. ,,Als ik jou doorlaat, ben ik mijn baan kwijt.'' Maar dan maakt een hoge militair zijn opwachting bij de versperring. Hij pakt een walkie-talkie en belt met het hoofdkwartier. Vervolgens maken ,,de regels'' even plaats voor menselijkheid: de man mag door. ,,Zijn er nog anderen hier die dierbaren hebben verloren?'' vraagt de hoge militair zelfs vriendelijk aan omstanders als de man blij verrast terugloopt naar zijn auto.

Begrip van de autoriteiten – voor veel Turken is het nieuw. Na de aardbeving van augustus was er immers een consensus dat wie op de staat vertrouwt, van een koude kermis thuiskomt. Dag in, dag uit bleek toen het feilen van de Turkse autoriteiten. Tenten van de Turkse Rode Halve Maan bleken bij de eerste regendruppel zo lek als een mandje. Hulpgoederen werden zo gedistribueerd dat op sommige plekken veel te veel was en op andere niets. En televisiecamera's lieten genadeloos zien hoe familieleden met hun blote handen in het puin naar slachtoffers groeven – de autoriteiten waren in geen velden of wegen te bekennen. Niet alleen was de Turkse staat inefficiënt, maar hij was vooral harteloos en kil, zo concludeerde Turkije. President Demirel liet het verkeer in Istanbul een uur lang stilleggen – tot grote woede van duizenden inwoners van Istanbul die wanhopig op weg waren naar hun dierbaren in het rampgebied. Het Turkse leger concentreerde zich, zo leek het, op de redding van militairen onder de Marine Academie van Gölcük en liet zich aan het lot van burgers niets gelegen liggen. En terwijl slachtoffers van de ramp stierven door het uitblijven van medische zorg, verklaarde de ultra-nationalistische minister van Volksgezondheid, Durmus, dat Turkije de zaak onder controle had en geen hulp uit het buitenland nodig had.

De aardbeving van vrijdag gaf de Turkse staat de mogelijkheid om dat gedeukte imago iets te herstellen. En die kans, zo blijkt in Düzce, hebben de autoriteiten met beide handen aangegrepen.

,,Het leger is super'', vertelt ambulancechauffeur Muhsin Arslan na een nacht hard werken. ,,Minder dan twee uur na de aardbeving waren er hier al militaire helikopters. Die konden onmiddellijk worden gebruikt om zwaargewonden naar de ziekenhuizen te brengen.'' Ook de civiele autoriteiten zetten hun beste beentje voor. Bij de afslag van Düzce wordt dit keer geen tol geheven. En bij het staatsziekenhuis staat een lange rij ambulances die laat zien dat alle ziekenhuizen (staats- en privé) uit de verre omtrek willen helpen. Een ambulance komt zelfs uit Edirne, bij de grens met Griekenland, ongeveer 500 kilometer van het rampgebied. Zo efficiënt is de hulpverlening dat dokter Ali (niet zijn echte naam) uit Bilecik (150 kilometer van het rampgebied) zaterdagavond om zes uur al niets meer te doen heeft. ,,Ik ben hier als vrijwilliger gekomen'', vertelt hij in de tuin van het staatsziekenhuis. ,,Maar er zijn hier al zoveel artsen dat er voor mij geen patiënt meer is. Als ik om elf uur nog niets te doen heb, ga ik terug naar Bilecik.''

En zo is de Turkse staat na de ramp van vrijdag iets minder vijand, en iets meer vriend. Als om de nieuwe vriendschap te bezegelen, brengt een lange rij politici zaterdag al een bezoek aan het rampgebied. In augustus leek premier Ecevit nooit op zijn gemak als hij voor de televisiecamera's een verklaring over de ramp moest afleggen. Nu loopt hij als een volleerde baba (vader) van het land rond bij de ziekenhuizen in Düzce en spreekt de slachtoffers moed in. Vice-premier Bahçeli van de ultra-nationalistische MHP komt ook, net als Tansu Çiller van de Partij van het Juiste Pad (DYP).

En ook president Demirel wil zijn gedeukte imago oppoetsen. Na de ramp van augustus verwekte hij grote woede door de slachtoffers moed in te spreken met een speech, die hij al bij een eerdere aardbeving bij Adana had gebruikt en die hij volgens critici eventjes uit zijn bureaula had gevist. Dit keer liet hij vrijdagavond al geëmotioneerd weten dat een ,,nieuwe ramp van nationale omvang'' Turkije had getroffen.En zaterdagochtend, zo vertellen de mensen in Düzce, kwam hij direct met een militaire helikopter naar het rampgebied.

Zelfs critici geven na enig doorvragen toe dat de autoriteiten het dit keer beter doen. Ismet Dursun was op weg naar een begrafenis, toen zijn huis instortte. ,,Ik stak de weg over, keek om, en daar ging mijn huis''. Het bezoek van Ecevit aan Düzce doet hem niets. ,,Hij gaat vanavond lekker terug naar zijn mooie huis in Ankara, maar ik lig hier vannacht in de tent'', zegt hij, terwijl hij in de vrieskou zijn handen warmt bij een provisorisch vuur. ,,Ze zeiden dat er niets kon gebeuren'', zegt hij terwijl hij naar het puin van zijn huis kijkt. ,,Nou, je hebt het gezien.''

Maar zelfs Dursun geeft toe dat de staat dit keer efficiënter reageert. ,,Op veel plekken is het puin nu al weg. Zoals U ziet, gaat het nu beter (dan in Izmit en Adapazari in augustus, red.).''

Maar niet alleen de staat, ook de burgers zelf hebben van de vorige ramp geleerd, zo blijkt in Düzce. In augustus stelden veel mensen zulke hoge eisen aan de staat, dat die daar nauwelijks aan had kunnen voldoen, zelfs als de staatsmachinerie gesmeerd had gelopen. Nu, drie maanden en enige tientallen naschokken later, beseffen veel meer mensen dat aardbevingen bij Turkije horen en dat ook de staat niet de middelen heeft om de grillen van de natuur op te vangen. Het is ijskoud in Düzce, en in de tenten zijn zelfs drie dekens niet genoeg. ,,Er is een aardbevingscultuur ontstaan'', vertelt de assistent van dokter Ali. ,,In augustus was iedereen totaal in paniek, maar nu beseffen de mensen veel beter wat er kan gebeuren. Daardoor reageert iedereen rustiger.''

Bij het staatsziekenhuis van Düzce blijkt iets van die koelbloedigheid. Als een man een oudere vrouw komt brengen, stelt hij allereerst het medisch personeel dat met een brancard komt aanzetten gerust. ,,Doe maar rustig aan, ze is gewond, maar het is zeker niet levensbedreigend.''

En zo is Turkije met de aardbeving van vrijdag aan een nieuw hoofdstuk begonnen. ,,De staat heeft snel gehandeld'', schreef zaterdag al het dagblad Radikal, in augustus een van de felste critici van de regering. Als er al sprake is van woede, dan richt die zich op de zogeheten experts, die steeds rampen voorspellen maar nooit en te nimmer weten waar en wanneer het ongeluk zal toeslaan. Vandaag publiceert Radikal op de voorpagina een serie foto's van experts, tesamen met hun – uiteenlopende – voorspellingen. ,,Wie kunnen wij vertrouwen?'', vraagt de krant zich af. Voor de mensen in het rampgebied is het antwoord op die vraag nu: niet de experts, maar de Turkse staat wel iets meer.

    • Bernard Bouwman