Beeldenstorm

Rotterdam doft zich op. De stad verwacht de komende jaren veel bezoekers. Volgend jaar is er Euro 2000 (vijf wedstrijden inclusief de finale op 2 juli), het jaar daarop volgt de manifestatie Rotterdam Culturele Hoofdstad. Om na twee jaar drukte geen gat te laten vallen, zijn er al weer nieuwe, nog vage plannen voor een maritiem evenement in 2002. Wie visite verwacht, maakt de boel aan kant.

Straten en singels worden opgeknapt. Het voorportaal van de stad, het chaotische plein voor het Centraal Station, wordt gebruiksvriendelijk gemaakt voor voetgangers. Allerlei obstakels worden verwijderd, en er komen fietsgarages waar fietsers verplicht gebruik van moeten maken. De scheepsbrug in het midden van het plein, die een jongenskoor als repetitieruimte gebruikt, wordt verplaatst naar een plek bij de Leuvehaven. De brug die sinds 1982 het plein ontsiert, detoneert met de zwarte elegantie van 's lands hoogste gebouw (Nationale Nederlanden) en het in aanbouw zijnde negentig meter hoge Westin Hotel op de hoek van het Weena.

De Westersingel, een van de zogenaamde culturele assen, die van het Stationsplein naar het museumkwartier leidt, wordt ingrijpend opgeknapt. De singel wordt verdiept, de weg opnieuw bestraat, het parkeren beperkt en er komen twee nieuwe bruggen. Al deze werkzaamheden zijn onderdeel van projecten met mooie namen als Attractieve stad, Wijkaanpak en Singelplan, die verhullen dat het meestal om achterstallig onderhoud gaat.

De Westersingel biedt plaats aan beeldhouwwerken die er vaak verpieterd bij staan. Een gevolg van een merkwaardig verschijnsel, waarop de Rotterdamse dichter Rien Vroegindeweij wijst in het boekje `De letteren verbeeld'. De stad is trots op zijn beelden en sculpturen, aldus Vroegindeweij, ,,maar het is een trots die gevoed wordt door bescheidenheid, als het geen onverschilligheid is. Ze worden telkens verplaatst, verkeerd op hun sokkel gezet, ingebouwd of weggemoffeld.''

Met enige regelmaat wordt de stad getroffen door een `beeldenstorm' – het beeldje van de troubadour Koos Speenhoff op de Oude Binnenweg is in vier jaar al drie maal ontvreemd. Twee jaar geleden viel de bronzen Erasmus, van Hendric de Keyser, op het Grote Kerkplein letterlijk van zijn sokkel, een daad van sabotage die nooit is opgehelderd. Naar goed Rotterdams gebruik bepleit Vroegindeweij in één adem verplaatsing van Erasmus naar een `prominente plek midden in de stad'. Zoals ook Zadkine (`Verwoeste stad') van zijn `restpleintje' naast het Maritiem Museum naar het midden van het Churchillplein zou moeten verhuizen `waar iedereen erom heen moet en dus niet om heen kan'. Als de Westersingel en vijftien andere Rotterdamse singels `weer stralen' (zoals een gemeentebrochure aankondigt) zullen ook sculpturen eindelijk een plaats kunnen innemen die overeenkomt met de pretentie van Culturele Hoofdstad. Mits goed verankerd, want je weet het nooit.

    • Jan Gerritsen