antiek- en kunstrestauratie

Kunst- en antiekrestauratoren voelen de laatste tijd dat Nederlanders meer geld te besteden hebben. ,,Er is meer geld in omloop en dat merken wij nu ook'', zegt een woordvoerster van Rijks Antiekrestauratie in Amstelveen. ,,De vraag naar restauratoren groeit momenteel. Wij hebben het idee dat mensen van hun geld af willen voordat de euro komt. Antiek kopen is een hele goede investering. En als een stuk op een goede manier wordt gerestaureerd, betekent dat zeker een waardevermeerdering.''

Restaurator B. Greebe van Bruys & Schulte in Amsterdam bevestigt die tendens. ,,Ik heb het gevoel dat mensen meer dan vroeger markten en veilingen afstruinen op zoek naar waardevol antiek of kunst. Nederlanders hebben niet alleen meer geld daarvoor, maar ook meer tijd.'' Bruys & Schulte restaureren vooral meubelen en interieurs, maar werken nauw samen met schilderijenexperts.

De Vereniging van Restauratoren in Nederland (VeRes) vermoedt dat de vraag extra groot is omdat veel particulieren niet weten waar ze terecht kunnen en wat de mogelijkheden zijn. ,,Restauratoren denken objectgericht, dus iedere opdracht is uniek. Het is iets anders dan een pakje brood van de plank pakken'', aldus voorzitter B. van Velzen. Mensen zoeken volgens Van Velzen vaak een restaurator uit de Gouden Gids, zonder te weten met wie ze in zee gaan. ,,Rijp en groen, iedereen staat in de gids. En helaas zijn er nogal wat beunhazen op de markt omdat restauratie een vrij beroep is.''

Dat is ook de reden waarom de prijzen die betaald worden voor restauratie enorm verschillen. VeRes werkt sinds 1992 aan structurering van de branche én professionalisering van het beroep. De ontwikkeling van een ethische code en een beroepsprofiel zijn het begin. Leden van de vereniging, enige honderden, ondertekenen de code die het handelen van de restaurator bepaalt. Schending van de code kan leiden tot royement.

Restauratoren werken over het algemeen met een uurtarief, aangezien het aantal gewerkte uren afhangt van de staat waarin het object zich bevindt. Bovendien kan de restaurator voor verrassingen komen te staan tijdens het opknappen, waardoor er meer uren in het project gaan zitten. Toch verklaren de meeste restauratoren ook vaak van te voren een prijsafspraak te maken met de antiek/kunstbezitter. ,,Het is moeilijk een voorbeeld te geven. Maar met een gemiddeld antiek stoeltje ben je een dag bezig, dat kost dan ongeveer vijf- of zeshonderd gulden. Maar deze indicatie zegt niks over dat ene stoeltje dat iemand in zijn bezit kan hebben'', meent Greebe van Bruys & Schulte.

Een onderzoek naar de staat van het object is meestal inbegrepen in de vrijblijvende offerte. ,,Wij maken meestal een vrijblijvende afspraak. De klant komt langs met het object en wij maken een offerte. In die offerte zit automatisch een onderzoek naar de staat van het object, aangezien de verwachte urenraming daarop is ingesteld'', aldus B. Greebe van Bruys & Schulte. ,,Het kan ook zijn dat iemand alleen maar een onderzoek wil naar het materiaal en de toestand waarin bijvoorbeeld een stoel verkeert. Zonder dat er een restauratie volgt. Op dat moment geldt weer gewoon een urenverantwoording.''

Subsidiemogelijkheden voor particulieren zijn er nauwelijks. Grote restauraties aan monumentale gebouwen, voor kerken of musea komen vaak wel in aanmerking voor (overheids)subsidie. ,,Als een werk heel belangrijk is, te vergelijken met een museumstuk, is het mogelijk een subsidieaanvraag te doen bij het Prins Bernardfonds. Maar particulieren maken niet vaak kans op toewijzing'', legt B. van Velzen van VeRes uit.

Vorig jaar maakte VeRes een vergelijking van uurtarieven in de branche. Het verschil in uurprijzen ligt volgens voorzitter Bas van Velzen voor een deel aan de aard van het werk. ,,Textielrestauratoren hebben bijvoorbeeld relatief lage overheadkosten. Terwijl disciplines die veel verschillende, onderling afwijkende, objecten behandelen vaak veel voorbereidingstijd nodig hebben of zonder investering in apparatuur hun werk niet kunnen doen.'' VeRes kwam op een voor beide partijen, restaurator en opdrachtgever, redelijke prijs: minimaal 75 gulden en maximaal 105 gulden.

Bij lagere uurprijzen is het uitkijken volgens VeRes. ,,Beunhazen rekenen vaak verbijsterend lage uurprijzen'', aldus Van Velzen. Ook volgens de Stichting Restauratie Atelier Limburg, schilderijenrestauratoren, is de restauratiebranche nog steeds ,,een vrij wild veld''. ,,Er is geen bescherming van de overheid en ook de beroepsgroep kan zichzelf nog niet helemaal beschermen'', aldus het Atelier. ,,Er is een duidelijke schaduwkant in de markt, aangezien iedereen zichzelf restaurator kan noemen.'' Een Europees probleem, noemt een woordvoerder van Atelier de beunhazerij. ,,Er is slechts één deelstaat in Duitsland, Mecklenburg-Pommeren, waar alleen opgeleide mensen restauratiewerk mogen verrichten. In de rest van Europa is cultuurbezit vogelvrij. We zijn vaak bezig met het ongedaan maken van vernielingen door slechte restauraties.''

Aangezien veel particuliere kunst- en antiekbezitters niet weten of ze met een professionele restaurator of een beunhaas te maken hebben, wil VeRes meer duidelijkheid scheppen. Op verzoek en tegen administratiekosten levert de vereniging namen van aangesloten restauratoren uit een bepaalde discipline. Bij zo'n bemiddeling stuurt VeRes de folder `Leidraad voor het kiezen van een restaurator' mee, waarin advies wordt gegeven.

Die adviesfunctie die VeRes nu nog op zich neemt, zal in de nabije toekomst een taak zijn van het Restauratorenregister. Die organisatie is bezig een lijst van gekwalificeerde restauratoren te publiceren op Internet (www.conserveer.nl), waardoor het gemakkelijker wordt een overzicht te krijgen.

Meer informatie: www.artonline.nl; www.conserveer.nl

    • Renske Schriemer