Weefsel

Er bestaat een prachtig verhaal over Joseph Roth, de topjournalist van deze stad in de jaren twintig – of beter gezegd, over Berlijn. Toen een Amerikaanse historicus rond 1970 research deed over Roth, verbaasde hij zich steeds meer over de reisafstanden tussen Roths woningen, werkplekken en stamcafés. `Die Roth moet elke dag uren in de S-Bahn gezeten hebben!' Ten slotte liet een Berlijnse vriend hem een oude stadskaart zien: in werkelijkheid lagen die plekken vlakbij elkaar. Er was alleen een muur tussen gekomen.

Het verhaal zegt iets over de acceptatie van de Muur, even tijdloos en onontkoombaar als een rivier die door de stad loopt. Maar het tekent ook hoe de Muur ingreep in het weefsel van de stad.

De S-Bahn bleef bijvoorbeeld tot 1984 van de DDR, en al die tijd pendelden personeelstreintjes tussen oost en west alsof er niets aan de hand was. Drie westerse lijnen liepen weer onder Oost-Berlijn door, langs 15 dichtgemetselde `spookstations'. Rechtstreeks telefoneren was jarenlang enkel mogelijk via de interne lijnen van diezelfde S-Bahn. Ook de dood werd gewantrouwd: voor de twee grote kerkhoven aan de grens was een speciale `grafkaart' nodig. Maar Werner Fricke, werkzaam bij de Potsdamer waterleiding, liep dagelijks door de Muur omdat zijn buizen en kranen nu eenmaal aan de westelijke kant lagen.

De zanger Wolf Biermann – hij werd later verbannen – mocht in 1965 bij hoge uitzondering optreden in het Westen. `Im deutschen Dezember floss die Spree, von Ost- nach Westberlin', dichtte hij uitgelaten. `Da schwamm ich mit der Eisenbahn, hoch über die Mauer hin...'

    • Geert Mak