Gestoorde vliegen

Ben ik een mutant, net als de miljoenen fruitvliegen die ik heb onderzocht? Dat vraagt de Amerikaanse geneticus Seymour Benzer zich af, ergens aan het eind van het boek Time, love and memory. Een terechte vraag, want Benzer wijkt qua gedrag nogal af van de doorsnee burger. Hij werkt bij voorkeur 's avonds, tot diep in de nacht. Hij kleedt zich ongewoon warm voor Californische begrippen (Benzer werkt bij het California Institute of Technology in het vaak zonnige Church Hall). Terwijl iedereen in zijn laboratorium in een luchtig t-shirt rondloopt, draagt hij daaroverheen nog een dikke sweater en een lange witte laboratoriumjas. Desondanks zegt hij kou te lijden. En dan die eetgewoonten van de Amerikaan. Graag bereidt hij stierentestikels, koeienuier, krokodillenstaart, slangenfilet, vlinders of eendenpoten.

Time, love en memory is een boek over de opkomst van het onderzoek naar de genetische basis van gedrag. Auteur Jonathan Weiner richt zich in zijn boek op, zoals hij ze zelf noemt, `de hoekstenen van gedrag': perceptie van tijd, seks en geheugen – dat is meteen de verklaring voor de titel van het boek. Weiner voert allerlei gemuteerde fruitvliegen op die vreemd gedrag vertonen. Vliegen met een verstoord dag-nacht ritme, vliegen die wel een paringsdans uitvoeren maar daarna niet overgaan tot de daad, vliegen die na de paring niet meer los van elkaar komen en daardoor een hongerdood sterven, homoseksuele vliegen, vliegen die extreem dom zijn. Weiner maakt duidelijk dat alle mutaties een genetische basis hebben. En daarmee zegt hij dus: niet alleen lichaamskenmerken zoals oogkleur en vleugelgrootte zijn erfelijk bepaald, ook gedrag zit in de genen.

Weiner heeft er slim aan gedaan om zijn verhaal te vertellen aan de hand van Seymour Benzer. Met zijn maffe trekjes wekt Benzer het boek tot leven. De geneticus is bescheiden, zit vol met bizarre humor en hij is een pionier die voortdurend zoekt naar onontgonnen gebieden. In de jaren veertig – hij is dan nog natuurkundige – werkt hij aan germaniumkristallen die later gebruikt worden in de eerste transistors, een revolutie voor de elektronicawereld. Daarna maakt Benzer de overstap naar de genetica. Een `heet' gebied, want er wordt druk gezocht naar de basis van het leven en de structuur van DNA. Zodra die bekend is, wijdt hij zich ruim tien jaar aan het in kaart brengen van een stuk DNA van een bacteriofaag, een organisme dat op bacteriën parasiteert. Met dat onderzoek legt Benzer de basis voor de moleculaire biologie. Als steeds meer mensen dat vakgebied binnenstromen, zoekt Benzer zijn heil snel ergens anders. Hij gaat, als een van de eersten, op zoek naar de genetische basis van gedrag.

In 1966 heeft Benzer beet. Hij vindt fruitvliegen die een voorkeur hebben voor het donker, terwijl de vliegen normaal het licht opzoeken. De fruitvliegen blijken een gestoorde dag-nacht ritmiek te hebben. Collega's van Benzer vinden een aantal jaren later een gen dat een rol speelt bij het functioneren van de biologische klok. Het eerste gedragsgen is opgespoord.

Weiner heeft een neus voor goeie onderwerpen. Een aantal jaren geleden schreef hij The beak of the finch (De snavel van de vink), een boek over het biologenechtpaar Peter en Rosemary Grant en hun veldonderzoek naar de Darwinvinken op de Galápagos eilanden. Het thema van dat boek was evolutie, een onderwerp dat altijd de aandacht trekt. Weiner koos sympathieke, aansprekende onderzoekers en schreef een prachtige wetenschappelijke avonturenroman waarvoor hij de Pulitzer Prize kreeg. Time, love and memory heeft niet de spanning en het avontuur van dat prijswinnende boek. Maar Weiner heeft ook nu weer een aantrekkelijk onderwerp gekozen: bestaan er genen die gedrag bepalen? Via het fruitvliegonderzoek van Benzer geeft Weiner op die vraag een onomwonden antwoord: ja.

Helaas wijdt Weiner niet uit over de mens. Geldt voor Homo sapiens hetzelfde als voor de fruitvlieg? In hoeverre zijn genen bij de mens bepalend voor het ontstaan van depressief gedrag, van thrill seeking, schizofrenie of vreetbuien? Of speelt de omgeving daar ook een rol bij? Zo ja, wat voor een aandeel heeft nurture dan bij de vorming van gedrag? Daarover hoor je Weiner amper. Eén keer legt hij een suggestief verband tussen fruitvlieg en mens, met het gedicht `The Fly' van William Blake (Am not I/ A fly like thee?/ Or art not thou/ A man like me?).

Helaas begaat Weiner één fout. Hij probeert de laatste stand van zaken weer te geven. En bij een zich razendsnel ontwikkelend gebied als de genetica loop je daarmee al gauw achter de feiten aan. Alle up-to-date informatie die Weiner verstrekt is inmiddels dan ook verouderd.

En Seymour Benzer? Het genetisch gedragsonderzoek begint erg druk te worden. Samen met zijn tweede vrouw, de neuropathologe Carol Miller, heeft hij zich inmiddels gestort op de werking van de hersenen. Carol is zeer geïnteresseerd in de ziekte van Alzheimer, waaraan haar moeder overleed. Carol bestudeert menselijke hersenen, Seymour richt zich op het brein van gemuteerde fruitvliegen. Hij maakt foto's van hersenplakjes en ziet daarop afwijkingen in de meest uiteenlopende vormen. In de Sandwich Shop, waar Carol en Seymour altijd lunchen, krijgen de gemuteerde fruitvliegen een naam, afhankelijk van de afwijking die ze in hun hersenen vertonen. Zo is er bijvoorbeeld al egg roll, popcorn, bubblegum en chocolate chip.

Jonathan Weiner: Time, love and memory; a great biologist and his quest for the origins of behaviour. Alfred A. Knopf, 300 blz. ƒ64,65

    • Marcel aan de Brugh