Hier heeft gewoond

Hanna van de Voort was met hart en ziel verbonden aan Tienray, een dorp in Noord-Limburg dichtbij de Maas, en de enige van zes kinderen die ongetrouwd bleef. Ze oefende het beroep van kraamverpleegster uit en thuis verzorgde ze ook nog haar zieke moeder en oude vader.

Het begon in mei 1943, toen ze 38 jaar was. Bij de familie Van de Voort was een student ondergedoken, Nico Dohmen, die regelmatig bezoek kreeg van medestudenten. Zij stonden in nauw contact met de Israëlitische Crèche tegenover de Hollandsche Schouwburg in Amsterdam. Of Hanna wilde meehelpen om joodse kinderen van deportatie te redden door hun een veilig onderdak te bieden. Hanna zei ja en samen met Nico werd zij de spil in een netwerk van Noord-Limburgse onderduikadressen.

Als eerste verscheen Simon Cohen, een zesjarig jochie uit de buurt van het Waterlooplein, een zorgenkind ook nog, want hij was een zware astmapatiënt. Simon werd ondergebracht bij een kinderloos echtpaar in Tienray. Spoedig daarop volgden vele anderen, die uit de crèche gesmokkeld waren. ,,Sturen morgen zes pakjes koffiesurrogaat en acht pakjes theesurrogaat'', luidde een telegram en dan wist Hanna: er komen weer zes jongens en acht meisjes. Zogenaamd als Nederlandse evacueetjes. Ze hadden `officiële' papieren op zak van het Evacuatiebureau in Rotterdam, waar zoveel straten in puin lagen.

Konden ze niet meteen bij een pleeggezin terecht, dan bleven ze zolang bij `tante' Hanna. Ook zieke kinderen nam ze liefdevol op. Zo wist ze, samen met Nico, 123 joodse kinderen en enkele volwassenen uit handen van de nazi's te houden. Later volgden nog Amerikaanse piloten en Franse krijgsgevangenen die uit Duitsland waren gevlucht.

Eénmaal heeft het een haar gescheeld of Hanna moest haar daden met de dood bekopen. In de nacht van 31 juli 1944 overviel de Sicherheitsdienst haar huis bij een razzia, die het gevolg was van verraad. De vrouw werd opgesloten in Eindhoven en zou onverbiddellijk op transport worden gesteld naar Ravensbrück. Daags daarvoor kwam ze echter vrij, dankzij de tussenkomst van een studente die een hoge Duitse officier verleidde.

Zo kwam Hanna levend uit de oorlog, maar oud is ze niet geworden. Zomer 1956 overleed ze op 51-jarige leeftijd na een hartoperatie in het Sint Antoniusziekenhuis te Utrecht. Bijna een jaar later werd op haar woning in Tienray de plaquette aangebracht. Hanna van de Voort – `een voorbeeld van moed en naastenliefde'.

Theo van de Voort: `Tienray - verzet en bevrijding', 1977.

    • F.G. de Ruiter