De herontdekking van de tas

De tas is terug als mode-artikel. Zowel de goedkope exemplaren met nepbont en geborduurde kralen als de exclusieve tas, van vissenleer of hout, liggen goed in de markt. Een portret van ontwerpsters die de tas weer in beeld brengen.

De tas rukt op in Nederland. Behalve de rugzakken die het straatbeeld beheersen, zie je steeds meer vrouwen met sierlijke en modieuze kleine tasjes, voor over de schouder of in de hand. De tas mag weer en is terug als mode-artikel.

,,Tassen met bijpassende schoenen, misschien komt dat wel weer terug'', mijmert tassenontwerpster Mirjam van den Dungen, die samen met Petra Berendsen een eigen tassenlijn uitbrengt. ,,Vroeger dicteerde het modebeeld dat schoenen en tas van hetzelfde leer moesten zijn. Het zou mooi zijn als je weer van dat soort setjes krijg. Jammer dat ik zelf geen schoenen kan maken.''

Ook de commercie heeft de tas herontdekt. In Viva verscheen enkele weken geleden een overzicht van de laatste trends – tassen die op kleding bevestigd zijn bijvoorbeeld. Modemerken en winkelketens als Esprit, H&M en Street One verkopen hun eigen merk tassen. Op de tassenafdeling van de Bijenkorf heeft de sobere, zakelijke zwarte damestas gezelschap gekregen van frivole soortgenoten: tassen van glimmend plastic, lichtblauwe stoffen tassen die zwaar zijn van de er op geborduurde kralen en vooral veel tassen bedekt met nepbont.

Niet alleen de massatas heeft succes, ook de exclusieve, handgemaakte tas is in opmars.

Volgens Joep Sterman van de accessoire-opleiding 3d-design aan de Hogeschool voor de Kunsten in Arnhem stijgt de belangstelling voor accessoires in het algemeen: ,,Mensen hebben niet alleen aandacht voor kleding, maar ook voor alles wat daar omheen hangt.'' En hebben daar meer geld voor over. Want de handgemaakte tassen, zoals van Berendsen / Van den Dungen, zijn niet goedkoop. Het zijn ontwerpen van kwaliteitsleer en met de hand gemaakt, meestal in kleine oplagen. Een kleine schouder- of handtas van Berendsen / Van den Dungen kost zo'n 475 gulden.

Petra Berendsen en Mirjam van den Dungen studeerden twee jaar geleden af en werken sinds een jaar samen. Hun eerste collectie bestaat uit vijf kleine en vier grote leren tassen. Ze zijn vrij recht van vorm en doen denken aan doosjes. Inspiratiebron was een papieren zakje. De platte vierkante bodem, de ingevouwen zijkanten en de omgeklapte bovenkant, in elk tasje uit de collectie is hier iets van terug te vinden.

Bijzonder zijn ook de hengsels: dunne veters of een hengsel dat begint als een richel op de voor- en achterzijde en als een afgeplatte boog boven de tas uitsteekt.

Berendsen en Van den Dungen houden duidelijk rekening met de praktische functie van de tas. ,,We lopen er eerst zelf mee om te voelen of ze goed draagbaar zijn,'' zegt Petra Berendsen. En in alle tassen zit een vakje met een ritsje, ,,want dat willen mensen.''

Zoals de hernieuwde aandacht voor de hoed is ingeluid door de populariteit van baseball-petjes, zo heeft de exclusieve tas alles te maken met de rugzak-rage. ,,Je krijgt natuurlijk langzamerhand wel de pip van die rugzakken'', aldus Marian Conrads, kunsthistorica en auteur van het in maart te verschijnen boek Mode: hoofd- en bijzaken, over accessoires door de eeuwen heen. ,,Mensen vinden het leuk om via simpele ingrepen dingen te veranderen aan hun basiskleding''. Ook het welvaartspeil en de populariteit van verkleedfeestjes hebben accessoires strassfähig gemaakt.

Een van de bekendste tassenontwerpsters in Nederland is Maria Hees. Al twintig jaar maakt ze tassen en sieraden. Sommige van haar producten zijn meer kunstwerk dan gebruiksvoorwerp. ,,Als kind was ik al gek op tassen. Eigenlijk maak ik ze vooral voor mezelf.''

De eerste tas die ze maakte, na haar opleiding accessoires in Arnhem, was een draadkoffer met spinnakerdoek aan de binnenkant, omdat ze ,,attachékoffers zo saai vond.''

Hees gebruikt vaak bijzondere materialen, zoals geplastificeerd metaaldraad, aluminium, hout en vissenleer. ,,Ik ben weg van het leer van de Nijlbaars. Ik zag dat bij een fabrikant en heb meteen een partij gekocht.'' Zo ontstond het idee voor de `vissentas', met drie losse vakken in de vorm van een vis. De portemonnee van hetzelfde materiaal heeft de vorm van een schub. ,,Helaas wordt het leer niet meer geleverd en ben ik aan mijn laatste partij toe. Ik kan nog twee of drie tassen maken.''

Hees wordt wel vaker geïnspireerd door het materiaal waarmee ze werkt. Zo bracht Italiaans leer dat ,,mooi en sterk is door de manier van looien met natuurlijke materialen'' haar op het idee om een dubbele tas te maken van twee rechte vlakken, waarbij het leer recht wordt afgesneden. Doordat het hengsel schuin over het lichaam wordt gedragen hangen de twee delen voor en achter.

Soms speelt de praktijk een onverwachte rol in de vormgeving. Zo moest het leer aan de achterkant van deze tas geplooid worden om er überhaupt iets in te kunnen stoppen. Dat leverde twee `zakken' op met een ronde rits, die aan de bovenkant wijder is dan aan de onderkant. Als je de tas andersom draait, dus met de geplooide kant naar buiten, krijg je het effect van een rokje.

Hoewel deze tas, net als de nieuwste generatie rugtassen, aan één schuine band wordt gedragen, laat Maria Hees zich niet dicteren door de modetrends op tassengebied. ,,Ik zal onbewust wel enigszins beïnvloed worden; de draadkoffer bijvoorbeeld is representatief voor begin jaren tachtig. Maar ik heb een aantal jaren geleden een tas aan de binnenkant met bont bekleed en nu zie je dat pas in andere tassen terug.''

Om als tassenontwerper met de mode mee te doen is niet eenvoudig. Minstens twee keer per jaar, voor de zomer- en wintermode, moet er dan een nieuwe lijn worden uitgedacht. En de vraag is of ze wel verkocht worden. De goedkopere modieuze tassen bij een winkel als H&M, die slechts één seizoen meegaan, kunnen na een jaar met een gerust hart weggooid worden. Maar als je vierhonderd gulden of meer hebt neergeteld, doe je er doorgaans wat langer mee.

De tassen van ontwerpster Elly Kersten zijn niet in de eerste plaats functioneel, maar eerder kunstwerkjes.

Zelf betitelt ze haar creaties als sieraden of objecten. ,,Ze zijn wel te gebruiken als tas, maar het zouden ook keramieke vormen kunnen zijn.''

Kersten is per ongeluk tassen gaan maken. ,,Ik had niks met tassen. Nu nog neem ik als het even kan geen tas mee. Ik vind het onhandige dingen. Je moet er de hele tijd op letten. Of het hangt niet goed.''

Kersten deed de opleiding modevormgeving op de Hogeschool voor Beeldende Kunsten in Arnhem. Daarna werkte ze bij een mode-ontwerpster in een zijdewinkel. Toen die ermee stopte, volgde Kersten een cursus lederwaren en tassen in Den Bosch. ,,Daar leerde ik traditionele tassen maken, mijn fantasie werd niet erg geprikkeld. Hier een vakje, daar een vakje.'' Tot ze een eindexamenstudente van Kunstacademie in Utrecht ontmoette. ,,Zij leerde me dat ik me niet hoefde te houden aan vaste lijnen en maten. Ik lag nachten wakker van deze nieuwe inzichten en er schoten allerlei plannen door mijn hoofd.''

Die plannen resulteerden in een serie bijzondere schoudertassen met strakke, geometrische of organische vormen, alle unica. Kerstens uitgangspunt is vaak de kegelvorm.

Ze haalt haar ideeën uit de architectuur (de geometrische tassen) en de natuur (organische tassen). ,,Een van de eerste organische tassen die ik maakte, was geïnspireerd op een bloemknop. Ik had een keer een bos Eustoma (Japanse zijdebloemen) gekregen en die vond ik zo prachtig, daar móest ik een tasje van maken.''

Kerstens tassen vallen niet alleen op door de buitenkant. De binnenkant is minstens zo bijzonder: een voering van zijde met uitgesneden bloemen waarachter een goudkleurige stof verschijnt, een bodem van veren met een steen in het midden of een tas bekleed met gevlochten banden waarop 330 piepkleine kraaltjes zijn gevlochten. Sensueel bijna.

De tas mag belangrijker zijn geworden in het modebeeld, de Nederlandse vrouw blijft voorzichtig. Op een enkele gekleurde tas na die het leuk doet in de winkeletalages, is de handtas hier zwart, bruin of z'n frivoolst donkerblauw. ,,Heel anders dan in de omringende landen'', aldus Marly Vroemen, eigenaar van Hoeden M/V in Amsterdam en Hut Couture in Düsseldorf.

Vorige week showde de Britse hoedenproducent Orla Kiely in haar zaak hoeden met bijpassende handtassen: tweekleurige hoeden van wolvilt met tassen van hetzelfde materiaal en in dezelfde kleuren. ,,In Engeland en Frankrijk is veel meer aandacht voor accessoires dan hier. Een Franse vrouw heeft gemiddeld vijf maal zoveel tassen als een Nederlandse. Daar draag je bij een linnen jurk geen leren tas en in de zomer geen zwarte tas, maar een pastelkleurige. In Nederland is de tas zomer en winter zwart, omdat-ie overal bij moet passen en we maar één keer geld uit willen geven. Typisch calvinistisch.''

Elly Kersten

0481-373663

Petra Berendsen en Mirjam van den Dungen 06-20178173/

026-3831110

Maria Hees

0314-330564

Joep Sterman

026-3535612

    • Simone Barneveld