Albers hoeft niet te betalen voor testrit

De Nederlandse autocoureur Christijan Albers testte de afgelopen dagen in Zuid-Spanje bij het juniorteam van McLaren-Mercedes, het kleine broertje van de gelijknamige Formule I-renstal.

Met stijve armen en pijnlijke ribben, onlangs gekneusd bij een kartwedstrijd in Keulen, stapte Christijan Albers gisteren uit zijn bed in Hotel Royal Sherry Park, in het centrum van Jerez de la Frontera. Een dag eerder had de 20-jarige coureur uit Laren bijna een hele werkdag achter het stuur van een Formule 3000-wagen gezeten. Tussen negen uur en kwart over vier draaide hij op het Circuito de Jerez 377 kilometer lang het ene rondje na het andere.

Voor één dag was Albers in Zuid-Spanje in dienst van het team dat dit jaar in de Formule 3000 de dienst uitmaakte: West Competition, het Formule I-juniorteam van McLaren-Mercedes. De Brits-Duitse renstal had de Nederlander uitgenodigd voor twee testdagen in de streek van Tio Pepe en Gonzalez Byass. Het bleef uiteindelijk beperkt tot één testdag. ,,Dat was de afspraak'', zei Albers. ,,Als het goed zou gaan, hoefde ik maar één dag te rijden.'' Toch was hij aanvankelijk ontevreden over wat hij op het 4,4 kilometer lange circuit had laten zien. Van de 27 coureurs – de meesten met ruime ervaring in de Formule 3000 – reed hij door de heuvels en langs verlaten tribunes de zestiende tijd.

,,Het ging klote'', zei Albers nadat hij zich in het rennerskwartier had omgekleed en de test met teameigenaar David Brown had geanalyseerd. Uren na afloop van de test zaten de rode striemen van zijn helm nog op zijn gezicht. Met een sombere blik: ,,Ik had m'n dag niet.'' Een dag later, toen hij de tijd vooral doodde met het bekijken van zijn concurrenten, was Albers milder in zijn oordeel: ,,Zo slecht was het niet, zeker als je in aanmerking neemt dat circuit en auto nieuw voor me zijn. Er rustte nogal wat druk op mijn schouders. Bij de races in de Formule 3 voelde ik die druk dit jaar niet. Nu wel, omdat dit cruciaal is voor volgend jaar. Het lijkt wel of ik als een raket rijd als het niet belangrijk is, maar dat het tegenzit als ik juist snel moet zijn. Maar ik heb mijn best gedaan, meer kon ik niet doen.''

Van de 65 coureurs die voor de test bij het team van West Competition in aanmerking kwamen, was Albers een van de weinige gelukkigen, met de Fransen Montagny en Sarrazin, die als voormalig testcoureur bij het Formule I-team van Prost al zeker lijkt van een `stoeltje' bij West. In tegenstelling tot wat in Jerez bij de andere teams die daar testten gebruikelijk is, hoefde Albers niet voor de test te betalen. Een test is bij de meeste teams immers te koop: sommige coureurs betaalden deze week 40.000 tot 50.000 gulden om een paar uur over het circuit te scheuren waar twee jaar geleden de Canadees Jacques Villeneuve wereldkampioen Formule I werd na een kamikaze-actie van Albers' idool Michael Schumacher.

Jerez staat bekend als een ideaal testcircuit, omdat het beschikt over een fraaie mix van langzame en snelle bochten en maar een paar rechte stukken. En wie van de baan schuift, komt er meestal zonder schade van af; het circuit bezit meer grind dan asfalt. Ook het vrijwel altijd zonnige weer – in Zuid-Spanje bereikte het kwik ook deze week weer meer dan 20 graden – is een pluspunt van het meest zuidelijk gelegen circuit van Europa. Formule I-teams strijken eveneens met regelmaat in het kurkdroge landschap ten zuiden van Sevilla neer.

Waarschijnlijk krijgt Albers nog deze week te horen of hij voor volgend seizoen een contract krijgt bij het juniorteam van McLaren. De droom die Albers koestert om binnen enkele jaren een van de 22 coureurs in de Formule I te zijn, lijkt steeds meer bewaarheid te worden. De ambiance van zijn Formule 3000-test had veel weg van de sfeer in de hoogste klasse van de autosport. De bolide waarin Albers reed, vertoonde een sprekende gelijkenis met de Silberpfeile van de Formule I-coureurs Mika Hakkinen en David Coulthard, uitgevoerd in exact dezelfde kleuren: zilvergrijs, zwart en fluorescerend rood.

Zaterdag had Albers eigenlijk in Stuttgart moeten zijn, om de prijs in ontvangst te nemen die hoort bij het Duitse Formule 3-kampioenschap. Hij reisde die dag echter met zijn oudere broer Kees-Jan, die zijn zakelijke belangen behartigt, naar Jerez. ,,Dat was veel belangrijker voor mijn toekomst. De Formule 3 ligt achter me'', aldus Albers. Zo snel mogelijk wilde hij in Spanje met een huurauto het circuit verkennen, omdat hij nooit eerder in Jerez was geweest.

Albers kroop zondag achter het stuur van de vierdeurs Citroën Xsara 1.6i. Het kaartje van de verhuurder dat aan de achteruitkijkspiegel hing, werd achteloos weggegooid: `Your vehicle is now ready. Enjoy your trip.' Wat volgde was een twee uur lange gooi- en smijtpartij met een huurauto, met 170 kilometer per uur. Dat leidde er toe dat Albers dinsdag het circuit kende toen hij voor het eerst met de McLaren-Mercedes de pits uitreed. Een vertegenwoordiger van de internationale autosportfederatie (FIA) aan de F3000-teams liet maandag weten dat op straffe van uitsluiting voor volgend seizoen coureurs niet meer op eigen houtje het circuit mogen verkennen.

Vanmiddag keerde Albers terug in Nederland, het ticket voor de volgend reis heeft hij al op zak. Zondag vliegt hij naar het Verre Oosten, voor deelname aan Formule 3-races in Macao en Zuid-Korea. En als hij bij West of bij een van de andere topteams in de F3000 kan tekenen, keert hij nog deze maand terug naar Spanje. Op het Circuit de Catalunya bij Barcelona staan nog een paar F3000-testdagen op het programma. In de tussentijd wacht Nederlands grootste racetalent op dat ene verlossende telefoontje.

    • Ward op den Brouw