Vlieg wil Vriesekoop in `denktank'

De Nederlandse Tafeltennisbond zoekt een nieuwe bondscoach. Gerdie Keen stelt DOV-coach Rene de Smet voor. ,,Zoeken we soms iemand om de Keuterberg te beklimmen?'', vraagt oud-bondscoach Jan Vlieg.

Met gemengde gevoelens had tafeltennisster Gerdie Keen vorige week in Tsjechië afscheid genomen van bondscoach Peter Engel. Voor het laatst onder leiding van de Duitse trainer eindigde het vrouwenteam bij de landenwedstrijden in de tweede divisie van Europa als tweede, waardoor Nederland over twee weken tegen België mag spelen om een plaats in de Superliga. Die wedstrijd wordt mogelijk uitgesteld. Dat zou een zegen zijn voor de NTTB, want niemand weet wie Engel moet opvolgen.

Voor Gerdie Keen verandert overigens weinig met het vertrek van de bondscoach. Financieel gesteund door NOC*NSF vervolgt de nummer 60 van de wereldranglijst met privé-coach Frits Kantebeen haar traject naar het Griekse Patras, waar begin december het olympische kwalificatietoernooi voor het enkelspel wordt gehouden. Twee weken later krijgen Keen en Melissa Muller in Rotterdam nog de kans zich te plaatsen voor het olympische dubbelspel. Maar hoe moet het dan verder? ,,Het zal voor de NTTB heel moeilijk worden iemand te vinden die onbelast is door het verleden en boven alle partijen staat'', denkt de zus van Trinko Keen.

Geen enkele privé-coach van de speelsters zal dus aanvaardbaar zijn als interim-trainer van het Nederlandse vrouwenteam. De mannenploeg wordt momenteel begeleid door de Chinese trainer Yang. Een profielschets heeft Gerdie Keen al wel in haar hoofd. ,,Het voornaamste probleem van Engel was dat hij weigerde zijn verantwoordelijkheid te nemen'', zegt Keen. ,,Peter was een prima trainer. Maar zodra je de sporthal verliet, was je ook uit zijn zicht verdwenen. Het zit niet in zijn aard de leiding te nemen en dat was in zijn functie als bondscoach wel vereist. De bond moet een trainer vinden die tevens goed kan organiseren.''

Zelf denkt ze aan Rene de Smet, vader van Marlous de Smet, die onlangs tijdens de WK in Eindhoven eenmalig in het kwalificatie-toernooi mocht figureren. De Smet is tevens als coach verbonden aan hoofdklasser DOV. ,,De Smet beschikt als gymleraar ook over pedagogische kwaliteiten'', vindt Keen. ,,Hij lijkt me ook aanvaardbaar voor Melissa Muller en Diana Bakker, de andere speelsters van het Nederlandse team. Hij heeft natuurlijk geen internationale ervaring. Maar ik weet zeker dat De Smet een onafhankelijke bondscoach kan zijn die beslissingen durft te nemen. Engel schoof alles altijd voor zich uit.''

Volgens oud-bondscoach Jan Vlieg moet de NTTB de speelsters voorlopig niet betrekken bij de vorming van een nieuw beleid. ,,De spreektijd van alle BV'tjes in het Nederlandse tafeltennis, die de afgelopen jaren niets hebben gepresteerd, is wel voorbij'', zegt Vlieg. ,,Engel klaagde terecht dat mensen met kwaliteit bij de NTTB onvoldoende rugdekking krijgen. De bond had tegen de speelsters moeten zeggen: `jullie gaan nu eerst een jaar luisteren naar een trainer die beter kan tafeltennissen dan jullie bij elkaar en wie dat niet wil, dondert maar op'. In plaats daarvan zijn al die BV'tjes van de speelsters gesanctioneerd, waardoor de bondscoach in feite geen werk meer had.''

Vlieg begrijpt ook wel waarom Keen de onervaren De Smet als potentiële opvolger van Engel naar voren schuift. ,,De NTTB wordt geregeerd door de angst voor het verleden. Maar kennen de speelsters hun eigen geschiedenis wel? Weten ze nog wel wat toptafeltennis betekent? Wanneer je de Mount Everest wil beklimmen, zoek je toch geen gids die hooguit de Keuterberg kan bedwingen? Maar de spelers zitten niet te wachten op een coach met gezag die onmiddellijk een einde maakt aan al die eilandjes in het tafeltennis, terwijl dat zo snel mogelijk moet gebeuren. Eens komt het moment dat de NTTB én het NOC*NSF willen afrekenen. Hoeveel hebben die BV'tjes dan opgeleverd?''

Vlieg benadrukt dat hij zelf niet geïnteresseerd is in een terugkeer als bondscoach. ,,Al zouden de bond en de spelers niet bang moeten voor zijn voor mensen met kennis van zaken.'' Hij pleit voor de oprichting van een `denktank', die het beleid na de Spelen van Sydney gaat uitstippelen. In dat platform zouden oud-internationals als Paul Haldan en Bettine Vriesekoop een prominente plaats moeten bekleden. ,,Vriesekoop als pr-manager en Haldan voor de stille diplomatie. Maar zij kennen de lijdensweg van de topsporter als geen ander. Het ontbreekt de bond namelijk aan know-how op dat gebied.''

De huidige topsport-coördinator Peter-Paul de Vrind zou volgens Vlieg een belangrijke rol kunnen spelen in de `denktank'. ,,Maar De Vrind moet zich nadrukkelijker profileren bij de NTTB. Ik ken hem niet als een speler die de barricaden durft te beklimmen.'' Toch dient de NTTB haar eigen beleid van de afgelopen twee decennia ingrijpend te evalueren, stelt Vlieg. ,,En dan moet je helaas de conclusie trekken dat de bond in sportief opzicht naar de kloten is gegaan. Het is nu de tijd om schoon schip te maken, want als de voornaamste sponsor NOC*NSF zijn handen aftrekt van de NTTB kunnen we toptafeltennis de komende 25 jaar vergeten.''

    • Robèrt Misset