Vendrik: `Pensioenfonds is lege plek van de macht'

De maatschappelijke rol van de kapitaalkrachtige pensioenfondsen komt niet uit de verf, vindt Kamerlid Vendrik.

Verschillende malen belijdt hij zijn liefde voor de pensioenfondsen. Maar Tweede-Kamerlid en financieel woordvoerder Kees Vendrik van GroenLinks, zelf verplicht aangesloten bij pensioengigant ABP (overheid en onderwijs), wil ook dat de fondsen hun maatschappelijke rol werkelijk invullen, bijvoorbeeld door één procent van hun beleggingen te investeren in goede doelen.

Nee, niet in charitas, maar in opleiding van vaklieden in een bedrijfstak waar die scholing in gevaar is. Of als risicokapitaal in bedrijven met milieuvriendelijke innovatie en ontwikkelingskracht.

,,Daarin kunnen zij een actieve rol spelen zonder het totale rendement op hun beleggingen te riskeren'', constateert Vendrik. ,,Ik acht de pensioenfondsen in staat een belangrijke maatschappelijke rol te spelen. Die zouden zij verliezen als het proces van marktwerking, met een grotere rol voor de verzekeraar, doorzet.''

Met 850 miljard gulden belegd vermogen zijn de gezamenlijke pensioenfondsen een financiële macht bij uitstek. ,,Hun belegd vermogen is twee keer zo groot als dat van de verzekeraars. En de fondsen zijn sterk gericht op de lange termijn, precies datgene waar wij in de politiek zo van houden.''

Maar wat met name de pensioenfondsen van de grote ondernemingen nu doen – dat is in zijn optiek precies het tegenovergestelde. De superrendementen die zij de afgelopen jaren hebben geboekt op hun beleggingen vloeien in steeds grotere bedragen terug naar de werkgever, in de vorm van lagere pensioenpremies of zelfs terugstorting van kapitaal. Vorig jaar ging dat om een bedrag van zo'n 6,5 miljard gulden aan directe en indirecte voordeeltjes.

,,De klassieke opvatting is dat het geld van werkgevers en werknemers is en dat overschotten terug kunnen naar de werkgever, maar dat is niet zo. De politiek moet daarover meespreken, namens ons aller belastingbetalers. Pensioenfondsen zijn vrijgesteld van vennootschapsbelasting en de betaalde pensioenpremies zijn fiscaal aftrekbaar. De helft of zo bestaat dus uit niet-geïnde belastingcenten. Daar heeft de overheid ook iets over te zeggen.''

Dat dit vloeken in de kerk is, weet Vendrik. De pensioenfondswereld is een van de bastions van werkgevers en -werknemers, die de CAO's afsluiten en samen de besturen van de pensioenfondsen vormen. En die machtsbasis geven zij niet vrijwillig op. ,,Pensioensoevereiniteit in eigen kring'', zegt Vendrik.

De huidige zeggenschapsstructuur betitelt hij als hybride. ,,Te vaak hoor ik ook vakbonden zeggen: wij stoppen onze gesjeesde bestuurders in de besturen van de fondsen. De vakbeweging moet daar veel actiever opzitten.''

Wie is eigenlijk eigenaar van de honderden miljarden? Wie controleert de beleggingen? ,,Over die vragen zullen de pensioenfondsen zich veel meer publiekelijk moeten manifesteren, niet alleen met jaarverslagen. Nu is de opvatting: het rendement op de beleggingen is heilig. Dat is ook een legitiem belang, maar je kunt de andere kant van het beleggingsproces niet uitsluiten, zeker niet als je ziet dat PGGM (zorg en welzijn) en ABP voor 4,5 miljard gulden de Nationale Investeringsbank kopen en de pensioenfondsen zo nadrukkelijk zeggenschap als aandeelhouder willen hebben. Zij zijn kapitaalverschaffer en ook half directeur/commissaris. Hun omvang is dermate gigantisch, ze hebben half Nederland in bezit. Het lijkt haast de lege plek van de macht.''

Vendrik wil de confrontatie wel aangaan zonder bij voorbaat een oplossing te dicteren. ,,Het zoeken naar een opening is voor mij belangrijker dan een wet aannemen met dwingende verplichtingen. Maar in de huidige geslotenheid kan men niet doorfunctioneren. Hun bijzondere positie is gerechtvaardigd als zij zich van hun maatschappelijke taken kwijten.

,,Laten zij een voorbeeld nemen aan Shell. Ook de pensioenfondsen moeten hun license to operate waarmaken. Voorbeeld? Stel een maatschappelijke adviesraad in, met vertegenwoordigers van politieke partijen, maatschappelijke organisaties, bedrijven. En geef die adviesraad zeggenschap over bijvoorbeeld één procent van de beleggingen. Of zet als ondernemingspensioenfondsen een gezamenlijk bedrijf op om innovatiekracht te stimuleren, met mensen uit milieu- en ontwikkelingswereld als commissaris. Organiseer die kennis. Van dat verhaal hoor ik niets.''

Tegelijkertijd onderkent hij de tijdgeest in politiek Den Haag. ,,De politiek probeert alleen maar van dingen af te komen, door privatisering bijvoorbeeld. De politiek moet juist het debat met de pensioenfondsen zoeken. Wij willen ons actief met de pensioenfondsen bemoeien. Daar zit de macht, de invloed, het geld, en met de beheerders ga ik mij verstaan.''

    • Menno Tamminga