Taxifirma's in Zuid-Afrika gaan over lijken

In Zuid-Afrika woedt een bloedige strijd tussen eigenaars van taxi's. Elke week gaan concurrenten elkaar te lijf en vallen er doden.

Lijken lagen op het asfalt, lijken hingen in de bomen of zaten nog achter het stuur. Zo zag de taxistandplaats aan Maxwellstraat in de zuidoostelijke stad Empangeni er vorige week uit op een doordeweekse dag. Elf doden, overal bloed. Op de grond en in auto's de moderne variant van de traditionele assegaaien: pistolen, geweren, Uzi's en AK-47's. Wie wie te lijf ging, is onduidelijk en dat zal ook wel zo blijven. Vaststaat dat hier de zoveelste Zuid-Afrikaanse taxi-oorlog werd uitgevochten.

Gisteren verschenen dertien verdachten voor de landdrost van Empangeni. De openbare aanklager, Mr. K. Naidoo, sprak de mannen als schooljongens toe. Haar zichtbare frustratie laat zich eenvoudig verklaren: nooit van zijn levensdagen zal een van de heren worden veroordeeld. Er zijn geen getuigen, althans niemand die een mond durft open te doen. En de belangen zijn groot in de taxi-industrie.

`Taxi' staat in het Zuid-Afrikaanse spraakgebruik voor transport per minibusje. Een `echte' taxi noemt men `cab'. De taxi is sinds jaar en dag verreweg het populairste middel van openbaar vervoer voor de armste lagen van de bevolking. In de volksmond spreekt men ook wel over `zwarte taxi', aangezien het vrijwel uitsluitend zwarten en kleurlingen zijn die er gebruik van maken. Taxi's rijden vaste routes en vertrekken vanaf opstapplaatsen volgens het systeem `vol is rijden'. Men kan overal langs het traject uitstappen. Hoewel de prijs laag is, wordt er veel geld verdiend door de grote vraag en overbelading. Een busje mag doorgaans ongeveer veertien passagiers vervoeren, maar het dubbele aantal wordt erin gepropt.

De taxiwereld is het domein van de vrije jongens: er is geen boekhouding, er zijn geen papieren, alles gaat in cash. Eigenaars, georganiseerd in de zogenoemde taxiverenigingen, betalen geen belasting en zijn voor de staat een ongrijpbare, sinistere clan geworden. Volgens het recht van de sterkste verdelen ze onderling de taxiroutes. Zo is het grootste deel van het land verkaveld. Een achttal wijdvertakte `moederverenigingen' slokken de grote brokken op; naar schatting 400 kleinere pikken als hyena's hun maaltijdje mee, in de hoop eens tot de groten te behoren. In totaal rijden meer dan 150.000 taxibusjes rond.

Strijd ontstaat waar twee routes en associaties elkaar kruisen, meestal op de `stations': de opstapplaatsen. Hier gaan chauffeurs, al dan niet in opdracht van hun superieuren, elkaar regelmatig met bruut geweld te lijf. Berucht zijn de standplaatsen in het centrum van Johannesburg, het drukke knooppunt Soshanguve ten noorden van Pretoria (alleen hier vielen de afgelopen vijf jaar al 200 doden bij onderlinge twisten van taxibedrijven) en enkele locaties nabij Kaapstad èn Empangeni.

Afrekeningen hebben volgens de beste principes van de mafia ook binnen de organisaties plaats. Ze worden in toenemende mate uitgevoerd door huurmoordenaar. Wie immers aan de top komt, is meteen multimiljonair en dat is velen heel wat waard. De geschatte omzet in de taxibusiness bedraagt zes miljard rand per jaar (ruim 2 miljard gulden).

Plannen om de taxi-industrie aan te pakken zijn al jaren oud, maar er is nooit iets van terecht gekomen. Verder dan onderzoekscommissies na de zoveelste bloedige kloppartij komt de overheid niet. ,,Wij doen weinig anders dan proberen om misdaden op te lossen. Aan het voorkomen ervan zijn we nog lang niet toe'', zegt Theunis Botha, kapitein van de politie in Empangeni.

De overheid heeft wel ambitieuze plannen om de huidige, niet gecontroleerde busjes te vervangen door een iets grotere variant, waaraan strenge eisen worden gesteld wat betreft aantallen passagiers. Volgens dit goede voornemen zal de overheid vergunningen verlenen en belasting heffen, zodat het taxibedrijf een branche wordt die de wet respecteert. Of dat plan ooit van de grond komt, valt te bezien. Taxibazen zijn over het algemeen nietsontziende maffialeiders. Politie en justitie worden bedreigd, omgekocht of erger: maken deel uit van taxibendes.

Hoofdinspecteur Vince Harris, leider van een landelijk politieteam dat is belast met de bestrijding van de taxiterreur, zei vorige maand tegen de parlementaire kamercommissie voor justitie dat het taxigeweld onoplosbaar is. ,,We moeten ons realiseren dat de taxi-industrie een blijvertje is. Geweld en conflicten die hieruit voortkomen zullen de burgers van Zuid-Afrika blijven achtervolgen, wat we ook doen.'' De volksvertegenwoordigers reageerden onthutst op zoveel gelatenheid.

Intussen trad Solo Dube, een van de taxibazen uit Empangeni, afgelopen zaterdag plechtig in het huwelijk. Dube was weliswaar bij de schietpartij gedood, maar zijn trouwdatum stond vast en volgens de traditie van de Zoeloes moet de plechtigheid dan ook doorgang vinden. De kist met de bruidegom stond naast de bruid. Een broer gaf namens de overledene het ja-woord.

    • Lolke van der Heide