PvdA-motie tegen winnen Waddengas

De PvdA-fractie in de Tweede Kamer wil het kabinet via een motie oproepen af te zien van de winning van aardgas in de Waddenzee. De fractie wil het kabinet tegelijk wel de ruimte laten voor onderzoek van deskundigen naar de gevolgen van gaswinning voor het milieu.

De Tweede Kamer voert morgen een debat over het omstreden kabinetsvoorstel om gaswinning in de Waddenzee onder strikte voorwaarden toe te staan. Een grote meerderheid van de Kamer is hier tegen. Alleen regeringspartij VVD is voorstander, terwijl de PvdA een tussenpositie inneemt: tegen winning, maar niet tegen onderzoek naar de effecten voor het milieu.

Vanmorgen was nog niet duidelijk hoe de motie van de PvdA-fractie zal luiden. Woordvoerder Witteveen zei alleen dat de fractie zich ,,duidelijk'' tegen gaswinning zal uitspreken. De kleinste regeringsfractie, D66, die onverkort tegenstander is van gaswinning, komt zonodig met een eigen, verstrekkender motie. Kamerlid Augusteijn wil echter het liefst een gezamenlijke motie van beide regeringsfracties. ,,Maar het is onduidelijk waar de PvdA staat'', zegt zij. ,,Als je tegenstander bent, dan heb je toch geen onderzoek nodig.''

Waarschijnlijk kiest de PvdA-fractie vandaag voor het indienen van een motie waarin de eigen lijn – `nee' tegen gasboringen, `ja' tegen onderzoek – wordt aangehouden. Hiermee keert de fractie zich tegen het kabinetsbesluit dat een compromis was tussen de tegengestelde opvattingen van PvdA, D66 en VVD.

Premier Kok liet afgelopen vrijdag nog weten dat hij mogelijkheden ziet om via speciale boormethodes zonder ,,onherstelbare schade'' gas te winnen vanaf het vasteland. De PvdA-fractie wil, zo wordt aangenomen, de eigen premier gezichtsverlies besparen en het kabinet ruimte laten via de besprekingen met de NAM, die contractpartij is, schadeclaims te voorkomen.

In de PvdA bestaat grote weerstand tegen gaswinning in de Waddenzee. Het verkiezingsprogramma sprak zich vorig jaar ook onverkort uit tegen gaswinning. Er is echter niets over afgesproken in het regeerakkoord. De regeringspartijen beschouwen de zaak daarom als een zogeheten vrije kwestie, waarin zij niet op voorhand gebonden zijn door de stellingname van het kabinet.