Picasso verkocht voor 95 miljoen

Voor een naakt van Pablo Picasso uit 1932 heeft een anonieme, telefonische bieder gisteren op een veiling van Christie's in New York 45,1 miljoen dollar betaald, bijna 95 miljoen gulden. In 1989, toen de internationale kunsthandel een ongekende `boom' meemaakte, kocht een Japanse investeerder voor ruim 51 miljoen dollar een zelfportret van de toen twintigjarige Picasso uit diens Blauwe Periode.

Het nu geveilde doek, getiteld Nu au fauteuil noir, laat in de kleur violet de slapende Marie-Thérèse Walter zien, destijds de dertig jaar jongere minnares van Picasso. Het komt uit de collectie van de advocate wijlen Madeleine Haas Russell, achternicht en erfgename van de spijkerbroekenfabrikant Levi Strauss, die al in 1940 een filantropisiche instelling oprichtte.

Haar relatief kleine verzameling van twaalf kunstwerken bleek goed voor in totaal circa 150 miljoen gulden. Opvallend was vooral de bijna twintig miljoen gulden die betaald werd voor zowel een landschap van de in 1899 overleden Giovanni Segantini alsook voor een bronzen naakt uit 1907 van Matisse.

Het concurrerende veilinghuis Sotheby's brengt op 7 december in Londen vijf andere schilderijen en twintig tekeningen van Picasso onder de hamer, alle ooit eigendom van de in Miami vermoorde, Italiaanse modeontwerper Gianni Versace. Ze bestrijken de belangrijkste perioden van Picasso's schildersleven. Drie schilderijen uit de jaren tussen 1930 en `50 laten portretten zien van zijn kinderen, op de twee andere staat Francoise Gilot met weer andere kinderen van Picasso afgebeeld. De kunstwerken uit Versace's bezit, waaronder ook werk van Roy Lichtenstein, Andy Warhol, Jim Dine, Julian Schnabel, Matisse, Léger en Basquiat, zullen vòòr Londen eerst in New York (13-17/11) en Parijs (22-23/11) tentoongesteld worden.