`De Groninger Cliff'

Lukas Kruizenga: ,,De Rolling Stones hebben hier afgelopen zomer gespeeld, dat was een geweldige happening, dan krijg je weer dat gevoel van: wij in Groningen...wij Groningers zijn wel chauvinistisch hoor!

Nou ja, je hoort vaak van westerlingen: `Jezus, wat een eind weg is dat toch, dat Groningen'. Het hoge noorden ja, maar wij vinden Amsterdam helemaal niet ver! Amsterdam-Groningen is verder dan Groningen-Amsterdam!

Voor mij was het als kind al duidelijk dat ik drummer zou worden, dat zat er altijd al in. Het drummen was een soort natuurlijke behoefte. Ik tikte overal op! We hadden thuis van die koperen vazen, erfstukken...nou, die heb ik helemaal aan barrels geslagen.

Mijn vader werd gek van dat getik van mij, dus hij meldde mij aan bij zo'n drumband: trommeltje voor de buik, mooi pakje aan, en dan marcheren bij de intocht van Sinterklaas...

Ik had een vriendje dat een beetje bas kon spelen en op mijn slaapkamertje maakten we dan muziek. Een ander vriendje had een elektrische gitaar en dan maar proberen nummers na te spelen van die gitaargroepen, Shadows, Spotnicks, Telstars. We noemden ons the Gold Stars.

Een van de vaders was kleermaker. Hij maakte voor ons prachtige blauwe hesjes met daarop zo'n gouden ster geborduurd.

De kerk had een `instuif' en daar traden we op voor zeven en een halve gulden de man. Het gedemonteerde drumstel paste precies in mijn fietstassen.

In Delfzijl opereerde een bandje genaamd Nicky and the Running Beat. Nicky was de zanger. Hij heette eigenlijk Nico Jans. Nicky had een hele dure Miazzi zanginstallatie gekocht en dat afbetalen lukte niet zo goed met zijn eigen bandje...dus eigenlijk zochten hij en de basgitarist een ander bandje om te kunnen overleven.

Ze kwamen in ons oefenlokaaltje kijken en sloten die zanginstallatie aan met een echo, jongen, dat was heaven, weet je wel. Nicky was iets ouder en een knappe jongen om te zien.

Nicky verliet zijn band en kwam bij ons en dat was direct `bingo'. Prima apparatuur, een redelijke basgitarist en een knappe zanger. Het werd: Nicky and the Shouts. We hadden ineens zat werk.

Nicky werd `de Groninger Cliff' genoemd en op aankondigingen stond steevast: `Nicky and the Shouts, met De Groninger Cliff'. Nicky bleek een ontzettende meidenversierder, hij kon ieder meisje krijgen dat hij hebben wilde. Zijn uitstraling, dat was een deel van ons succes.

Ons repertoire veranderde meer naar close harmony. Covers van the Searchers..., het geheel werd gelardeerd met een lichtshow met ultraviolet licht en dan ging het licht in de zaal uit en werd er echo op die installatie gezet en van die langzame nummers, ja, en dan werd er natuurlijk ongelooflijk geschoven op die dansvloer, daar hadden we veel succes mee. Als je nou met een juffrouw wilde...eh...schuifelen in het donker...ja, dan moest je naar een concert van Nicky en the Shouts toe.

Op een dag komt de eigenaar van muziekhandel Hemmes naar ons toe. `Jongens, ik heb iets geregeld bij CNR, jullie kunnen een plaatje opnemen...op één voorwaarde: ik schrijf een nummer'. Dat vonden wij eigenlijk wel jammer. Maar ja.

Voor het noorden van Groningen was dat eerste plaatje...ja...het kwam in in de krant...zo bijzonder. Het werd goed verkocht.

Gijs Bol, de slaggitarist, was streng gereformeerd en mocht op zondag niet spelen van zijn ouders. We stonden dan met het busje achter de kerk met daarin Gijs z'n beatkleren. Hij kwam dan uit de kerk, in het nette pak en dan stapte hij in het busje en kleedde zich om en een uur later stond hij op het podium.

De tweede single kwam uit op het label `Beat from Holland' en daar werd door CNR heel veel publiciteit aan gegeven, er kwamen mensen van het NCRV-programma Twien kijken. Ze vonden ons heel goed: `Jullie komen in Twien'. Nou, en wij hadden zoiets van: Dit wordt de doorbraak.

Nico zat in militaire dienst en hoe het in godsnaam mogelijk was...maar op de dag dat de opnames gemaakt zouden worden werd hij in de bak gezet. Wat hij gedaan had weet ik niet meer maar in ieder geval: hij zat vast...

De NCRV wilde niet zonder zanger opnemen en het hele optreden ging niet door! We hoorden later dat er een enorm podium was gebouwd met een spandoek met Nicky and the Shouts erboven en ja...dat was een van de grote dieptepunten in mijn leven.

Er is zelfs nog een brief naar de koningin geschreven...maar Defensie was onverbiddelijk. We kregen ook geen tweede kans meer.

Je was een beetje een local hero, weet je wel? De mensen herkenden je als je door de stad liep. De meeste bandleden hadden min of meer vaste verkering, maar we hadden ook allemaal vriendinnetjes in plaatsen waar we optraden zoals in Beerta of Veendam. Dat kwam in de fanmail ook wel voor van: `leuk dat jullie hier komen spelen, maar laat wel je vriendin thuis'. Dat loog er niet om. Ja er gebeurde wel het een en ander backstage!

Een van de hoogtepunten was een optreden op Schiermonnikoog in de zomer van 1965. We werden met een speciale boot opgehaald en bij aankomst op het eiland stond het aan de kade zwart van de mensen. Vervolgens van de boot in een taxi, als puber kick je daar natuurlijk op...

Onze trouwe fans die ons altijd achternareisden liepen op een gegeven moment in T-shirts rond waarop stond gedrukt: C+B=R+B We vroegen ons in onze naïviteit hardop af wat dat nou te betekenen had, toen zeiden ze: `Nou, dat is een nieuwe band, dat zijn Cuby and The Blizzards uit Drenthe'.

Ik hoorde hun eerste plaatje `Stumble and Fall' en ik moet zeggen: Zo goed, zo verschrikkelijk goed! En toen wist ik: dit is het einde van onze band, we kunnen wel ophouden.

Nico, de Groninger Cliff, is op een gegeven moment afgehaakt, hij kreeg vaste verkering en ging trouwen geloof ik... Hij kon al niet meer zo goed meekomen met dat ruigere werk en met de meisjes werd het ook al minder. Hij was een mooie jongen, maar mooie jongens waren niet meer in de mode. Hij was ouderwets geworden!

Hij kwam bij de luchtmacht terecht. Ik heb hem nog een paar keer in zo'n luchtmachtuniform zien rondlopen. Dat stond hem wel goed. Het verhaal wil dat hij naar Canada is geëmigreerd en daar piloot is geworden.

Jaren later kwam ik de saxofonist weer tegen en we besloten opnieuw een band te formeren. Het liep als een trein. We kregen optredens... Op een gegeven moment hing ik ergens in Den Haag met m'n neus boven een bergje coke en moest de volgende dag weer werken... Ik dacht: `Nee, Lukas, dit moet je niet meer doen', en toen was het afgelopen.

Ik werk al weer 15 jaar in de Oosterpoort. Ze weten hier dat ik ervaring heb in de popmuziek. Ik geef nog wel eens adviezen. Ach ik heb zoveel bands voorbij zien trekken.

Gijs woont hier vlakbij. Hij komt nog wel eens langs en dan draaien we een jointje en luisteren naar muziek. Meestal naar Mozart.''

    • Frank Dam