Meer moeders van boven de dertig

Het aantal vrouwen van boven de dertig dat kinderen krijgt, blijft stijgen.

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) verwacht dat dit jaar 125.000 vrouwen van dertig jaar of ouder een kind krijgt, 5.000 meer dan in 1998. In totaal verwacht het CBS dat er in 1999 een kleine tweehonderdduizend baby's geboren zullen worden.

De constatering dat tweederde van de pasgeboren kinderen een moeder heeft van boven de dertig, past in een ontwikkeling die al langer gaande is. In 1990 kregen 92.000 vrouwen ouder dan dertig een kind, in 1999 is dat opgelopen tot 125.000.

Het aantal moeders onder de dertig is evenredig gedaald: van 106.000 in 1990 naar 73.000 in 1999. De meeste kinderen van moeders boven de dertig zijn het tweede of derde kind, maar in een toenemend aantal gevallen gaat het ook om eerste kinderen.

In 1990 kreeg eenderde van de vrouwen een eerste kind na de dertigste verjaardag, in 1999 is dat percentage toegenomen tot 44 procent.

Onder hoogopgeleide vrouwen is dit percentage het hoogst: meer dan de helft van hen is op 31-jarige leeftijd nog kinderloos.

Uit onderzoek van het CBS blijkt dat de redenen voor uitstel verdeeld zijn. Een kwart van de hoger opgeleide vrouwen wacht met het krijgen van kinderen, omdat deze vrouwen twijfelen over de vraag of ze kinderen willen, terwijl ook een kwart eerst een opleiding wil afronden. Twintig procent geeft als reden voor uitstel dat werk en kinderen moeilijk te combineren zijn. Een kwart noemt het ontbreken van een partner als reden voor uitstel.

Onder laag opgeleide vrouwen liggen deze percentages iets anders. De grootste groep (34 procent) krijgt pas na haar dertigste een kind, omdat een partner ontbreekt; 17 procent twijfelt over het krijgen van kinderen en stelt het moederschap daarom uit.

Het CBS constateert dat het aantal tienermoeders en het aantal moeders ouder dan veertig ook licht is toegenomen. Dit jaar krijgen ruim 5.000 vrouwen ouder dan veertig een kind. In de helft van de gevallen gaat het om een tweede, derde of volgend kind. Een kwart van de baby's van vrouwen van boven de veertig jaar is het eerste kind.

Het aantal tienermoeders in Nederland is, in vergelijking met andere landen, volgens het CBS `zeer laag' en daalde gestaag tot 1996. Daarna is het aantal vrouwen onder de twintig met kinderen licht toegenomen, tot 2.100 dit jaar. Dat betekent dat drie op de duizend meisjes van 15 tot 19 jaar een kind krijgen.