Europa I

Ruud Lubbers, minister-president van 1982 tot 1994, loopt ijsberend door zijn woonkamer in Rotterdam. Hij vertelt: ,,Voor mij, als jongen van 1939, was Europa in de jaren vijftig het Marshallplan, steden, reizen, cultuur. In de jaren zestig – ik werkte toen in het bedrijfsleven – had ik er niet veel mee van doen. Wat me toen het meest buiten de grenzen bracht waren congressen, ontmoetingen. Ik woonde zes weken in Lissabon, dat soort dingen. De christen-democraten hebben Europa altijd een beetje als hún project gezien – in het protestantse Noord-Duitsland werd de Europese gedachte na de oorlog zelfs afgedaan als `Adenauerij', iets katholieks, iets verdachts. Maar ik was niet, zoals Kohl of Dehaene, van jongs af aan bezig met dat Europese avontuur. Europa leefde voor me, zeker, maar niet politiek.''

In 1973 werd hij minister van Economische Zaken. ,,Toen kreeg Europa een ander gezicht, van Brusselse instellingen en raden waar je als vakminister bij moest zitten. Maar er liep ook nog heel veel buiten de EG om. Ik had bijvoorbeeld een stevig handelsconflict met Japan, daarvoor ging je als Nederlandse minister nog echt in Japan onderhandelen, dat zijn pas geleidelijk aan Europese kwesties geworden. Ook de oliecrisis was nog een volstrekt Nederlands probleem.

,,Het waren wel de jaren waarin ik de Europese verhalen hoorde. Over de verhouding tussen De Gaulle en Luns. De grappen over Luns en Adenauer. Maar vooral was het Europa van 1973 voor mij technisch en bureaucratisch, vol dikke dossiers en taaie besprekingen, en een blikken kar waarmee je op en neer naar Brussel werd gereden.''

    • Geert Mak