Bluf als een man

Vrouwen moeten harder werken dan mannen. Dat had ik Annemarie Jorritsma van Economische Zaken in Den Haag Vandaag horen antwoorden op de vraag of vrouwen in de politiek niet feller worden bekritiseerd dan mannen. Wanneer begint ze nou eindelijk aan dat hardere werk? Ze verschijnt liever op de televisie. Overal is ze te zien. Gisteren zag ik haar iets doen waar mannen bekend om staan: overal doorheen praten en bluffen als je het niet weet.

Een half uur discussie in Buitenhof over de verkoop van onze nutsbedrijven heeft me niet gerustgesteld. Onze minister kwam niet verder dan sussende algemeenheden. ,,Het doel is dat wij er beter van worden en daar is de regelgeving op gericht.'' Helaas waren haar opponent, Willem van Kooten, en die lieve interviewer, Peter van Ingen, er nog minder in thuis, zodat ze er gemakkelijk mee weg kwam. Daar gaat het om, want regeren is sport.

Van Kooten mopperde over ,,de onzin die wij hebben laten ontstaan''. Hij stuurt honderden videobandjes rond van een RVU-documentaire over elektriciteit in de VS. Toevallig heb ik die uitzending gezien. Een New-Yorks elektriciteitsbedrijf had zich vergaloppeerd aan een kerncentrale die niet open mocht. De service ging achteruit. Uiteindelijk nam de overheid het over - verliezen kun je niet verbieden - en alles verbeterde. Het verhaal zegt meer over kernenergie in de jaren 80 dan over Amerikaanse elektriciteit. Het omgekeerde, een goed particulier en een slecht publiek elektriciteitsbedrijf, is ook te maken.

Wel werd duidelijk dat het toezicht in Amerika veel strenger is dan in Nederland. Maar Jorritsma zei doodleuk dat ,,men daar in het verleden nog nooit aan regelgeving heeft gedacht''. Hier sprong Van Kooten bij op. Hij had die documentaire van buiten geleerd. ,,Hallo mevrouw, 50.000 regulators in Amerika, mevrouw''.

,,Inmiddels, inmiddels'', knalde ze er doorheen. En ,,die hebben wij ook''. Daar hoorde ik van op. Waar dan? Ze kwam met een afkorting, DTE en het werkte, want Van Ingen durfde niet te vragen wat dat was. Ik stelde me de vijftien ambtenaren voor die de boeken van de enorme stafafdelingen van de energiebedrijven afstempelen. Met aftrek van roostervrije dagen.

Amerika doet al een eeuw aan regulering van monopolies. Dat land heeft het meeste ervaring. Een elektriciteitsbedrijf wordt administratief helemaal uitgekleed. Alle stukken zijn openbaar tot en met de inkomens van de directieleden. Lijkt me een basisfeit. Maar onze hard werkende vrouw herhaalde dat Amerika daar heel onlangs mee begonnen was. De Amerikanen kunnen nog heel wat van Jorritsma leren maar dan als monopolisten in een land zonder conducteurs waar alles mag.

Beter vond ik het debat tussen het Groenlinkse Kamerlid Vendrik en Nuon-topman Swelheim in Lopende Zaken vorige week. Vendrik is op de hoogte en hij liet zien dat de onnozelste vragen het scherpst zijn. Waarom moet er worden geprivatiseerd, vroeg hij telkens. Swelheim had er geen goed antwoord op. Hij sprak alleen over het belang van Nuon.

Ik begrijp niet waarom Van Ingen de discussie niet toespitste op televisiekabel want daar heeft mediatycoon Van Kooten wél verstand van. Hij verwachtte dat een buitenlands, particulier kabelbedrijf nooit meer een nieuwe Nederlandse zender zou toelaten. Die gedachte had hij moeten uitwerken in plaats van door te steggelen. Voor zo'n kabelmaatschappij is Jorritsma's softe poldermodel het paradijs.

Maar geen nood, er is concurrentie, zei Jorritsma enthousiast: de satellietschotel. Die is goedkoop. Inderdaad, ik heb nu ook zo'n schoteltje op het dak. Naast de kabel die ik als belastingbetaler heb bekostigd. Ik wil niet afhankelijk zijn van de grillen van het Amerikaanse kabelbedrijf.

Jorritsma heeft gelijk. Er is helemaal geen probleem. Ook de trein heeft betaalbare concurrentie: de auto. Het gas en licht ook. Camping Gaz! En op het dak past naast dat schoteltje ook nog wel een dieselgenerator.

    • Maarten Huygen