Privatisering levert Nederlanders weinig op

Het nationale debat over de verkoop van overheidsbezit gaat door, maar vergeleken met andere industrielanden privatiseert Nederland nauwelijks nog. In 1998 bedroeg de opbrengst uit verkoop van staatseigendom 42 gulden per hoofd van de bevolking. Privatiseringskampioen was toen Denemarken, dat een opbrengst van 1.700 gulden per inwoner had. De twee ex-communistische landen Tsjechië en Hongarije kenden eveneens een relatief geringe opbrengst, respectievelijk 90 en 67 gulden per hoofd. Dit blijkt uit cijfers van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, een verbond van 29 ontwikkelde landen.

Wat de absolute opbrengst van privatiseringen betreft spant Italië de kroon. Daar verdiende de staat in 1998 27 miljard gulden aan privatiseringen. Het land is nog altijd volop bezig staatsbezittingen te verkopen. Zo stonden deze week vier miljoen Italianen in de rij voor aandelen van het elektriciteitsbedrijf Enel. Veel Italianen zijn de laatste jaren rijk geworden doordat de armlastige overheid aandelen verkocht om de enorme staatsschuld te verkleinen.

Nederland heeft in voorgaande jaren al een groot deel van zijn staatsbedrijven verkocht, zoals KPN en DSM. De aanstaande privatisering van de Spoorwegen zal echter niet doorgaan, zo werd vorige week duidelijk. In de Tweede Kamer kwam minister Jorritsma (Economische Zaken) onder vuur te liggen, omdat de privatisering te ver zou zijn doorgeschoten.

    • Arlen Poort