Hoe `Kogel' man wordt in het leger

Roman Kontsjarov gaat gekleed als de bevelhebber van het cinematografische leger. In de strijd tegen de opstandige Tsjetsjenen voert hij het `tweede front' aan, zoals de Russen de informatieoorlog zijn gaan noemen. ,,Omdat deze film over ons leger gaat heb ik besloten een uniform te dragen'', zegt de 29-jarige regisseur. ,,Dat geeft me meer gezag.''

Op zijn vingerknippen verschijnt zijn knapste, in bruidsjapon gehulde actrice, die in de slotscène met een van de hoofdrolspelers trouwt. Eind goed, al goed. ,,Er zijn zoveel jongens die niet in dienst willen'', zegt ze. ,,Wij willen met deze film laten zien dat je in het leger ook lol kunt hebben.'' Vlug werpt ze een blik op haar regisseur: ,,Heb ik dat goed gezegd?'' Roman knikt, maar vult haastig aan: ,,Niet dat wij het leger willen idealiseren. Het is geen reclamespot.''

Zeker, script, cast, middelen en opzet staan ervoor garant dat dit geen productie wordt in de traditie van Sergej Eisenstein (Pantserkruiser Potemkin) of Leni Riefenstahl (Triumf des Willens). Zulke opzwepende propaganda, of het nu in dienst is van het communisme of fascisme, is nou eenmaal passé. Vandaar dat Rusland aan het eind van de eeuw, onder de cynische supervisie van de ex-KGB'er Vladimir Poetin, subtielere technieken inzet.

Zonder mediamanipulatie, lijkt zijn adagium, win je geen vuile oorlog. Dat is de les van de rampzalige Sovjet-bezetting van Afghanistan, nadat de glasnost voor het eerst toestond dat er over `de zinkjongens' werd geschreven, over de soldaten die in zinken kisten terugkeerden van het front. En ook die van de vorige oorlog in Tsjetsjenië, toen Moskou de aftocht moest blazen mede doordat journalisten de Russische wreedheden rechtstreeks in de Russische huiskamer brachten.

Vandaar dat de regie ditmaal strakker is. Premier Poetin heeft van de landelijke tv-presentatoren volgzaam kwispelende hondjes gemaakt en bombardeert de pers met ,,doorbraken en successen''. Maar dat alles maakt het leger – met zijn magere soldij, barbaarse ontgroening, smerige voedsel en sadistische officieren – nog geen populaire instelling. Sinds Rusland tussen 1994 en 1996 13.000 zonen verloor op het Tsjetsjeense slagveld, is het prestige van de strijdkrachten tot een dieptepunt gedaald. Overal in het land proberen jongens de tweejarige dienstplicht te ontlopen (een medische ontheffing kost tweeduizend dollar), waardoor de kazernes langzaam leeglopen.

De speelfilm van Roman Kontsjarov moet daarin verandering brengen. ,,Dit wordt een correcte film'', zegt reservekolonel Valeri Konstantinovitsj, die coproducent is. De hoofdrollen zijn weggelegd voor drie rekruten: een veelvraat (`Bommetje'), een gokverslaafde hooligan (`Kogel') en een pathologische rokkenjager (`Bajonet'). De eerste is te dom om de dienst te ontlopen, de tweede is op de vlucht voor zijn maffiose schuldeisers en de derde wordt door zijn familie voor het blok gezet: een gesticht of het leger. De Moskouse theaterdirecteur Sergej Artsibasjev speelt een vaandrig die de nieuwelingen naar hun kazerne brengt, de avond voordat hun diensttijd officieel ingaat. ,,Er heerst een uitbundige sfeer, we belandden in een restaurant, we zingen en we zuipen'', vertelt de acteur met zijn doorrookte stem. ,,Maar de volgende dag op het appèl is de vaandrig een ander mens. Gedisciplineerd. Rechtlijnig. Streng.''

In de loop van de film worden de karakters van Bommetje, Kogel en Bajonet ,,gecorrigeerd''. De orde en regelmaat van het leger blijken een heilzame werking te hebben op deze drie, het maakt echte mannen van ze. Gevochten wordt er niet, gesneuveld evenmin. ,,Wij laten op een luchtige manier zien hoe het leger patriottisme bijbrengt'', zegt de coproducent.

Voor ingewijden die de deplorabele staat kennen waarin de Russische filmindustrie zich bevindt, is het een gotspe dat uitgerekend dit slappe scenario voor uitwerking in aanmerking komt. ,,Nee, voor mijn theater staan de sponsors niet in de rij'', geeft acteur Artsibasjev toe, die normaal gesproken geen vaandrig speelt, maar grootheden als Hamlet, Poesjkin of Lenin. Regisseur Roman Kontsjarov houdt vol dat zijn film uitsluitend wordt gefinancierd door ,,een paar rijke vrienden''. Verder zou er een hoop liefde-werk-oud-papier aan te pas komen. De filmmuziek wordt bijvoorbeeld verzorgd door de bekende Moskouse bands Mango Mango en Time Out. ,,Wij beseffen allemaal dat je een leger nodig hebt om het terrorisme te bestrijden'', legt de regisseur uit. ,,In dit geval: islamitisch terrorisme van Tsjetsjenen die flats in Moskou opblazen, met bewoners en al. Zulke schoften, die ons om religieuze redenen willen verbieden om naar rock `n' roll te luisteren, dien je te bevechten.''

Komt deze film dus louter voort uit vaderlandsliefde, of betreft het een bestelling van de staat? ,,Laten we het daar niet over hebben'', zegt de coproducent annex reservekolonel. ,,Het ministerie van Defensie heeft ons gevraagd niet te vertellen dat het een deel van de kosten voor zijn rekening neemt. Laten we het er op houden dat wij gratis mogen gebruikmaken van kazernes en trucks. En natuurlijk levert het ministerie de soldaten voor de massascènes.''

    • Frank Westerman