Zo leeg als het landschap

De verhalenbundel waarmee Max Niematz (1942) in 1995 als prozaschrijver debuteerde en die terecht werd genomineerd voor de debutantenprijs had als titel Twee vreemden in een bootje. Zijn eerste roman die drie jaar later verscheen heette Eilandvrees met op de cover een foto van golvend water. Niematz, van oorsprong een dichter met drie bundels op zijn naam, heeft iets met water, met eenzaamheid of afzondering en ja – met vreemde mensen, of mensen die vreemden voor elkaar zijn in bootjes. Zijn nieuwste roman Op de leegte laat op het omslag een droogvallend of juist vollopend wad zien. Misschien is het een afbeelding van de leegte, een gebied in de Waddenzee waar Niematz een van zijn personages een eenzame, vreselijke dood laat sterven.

Niematz neigt naar het absurdistische en beschikt over de daartoe benodigde stijlmiddelen. Zijn personages staan nooit met beide benen op de grond en leven in geheel eigen werelden die weinig met de realiteit uitstaande hebben. De wereld die in Op de leegte wordt opgeroepen bevindt zich in de nabijheid van de Waddenkust. Het verhaal speelt zich af in plaatsen die de uit modder geboetseerde namen Bugaasterveen en Oldenpolder hebben gekregen.

Daar, in een uitgestrekt en waterrijke poldergebied, staat een school, het Cornellis, met een sectie Frans, gevormd door vier leraren. Lex Fernhout is een van hen: weinig populair, niet bijzonder geestig en uitermate voorspelbaar, vinden zijn collega's. Omdat hij de hoofdpersoon is van Op de leegte hoop je als lezer natuurlijk dat deze kwalificaties gelogenstraft worden en dat hij een dubbelleven leidt of dat zich op z'n minst bij hem een verrassend innerlijk leven openbaart.

Dat gebeurt niet. Fernhout, die veertig jaar met zijn moeder heeft samengeleefd en als middelbare, uitgebluste docent, voor het eerst op eigen benen moet staan, is net zo saai als zijn collega's denken.

Dankzij Niematz, die ontzettend mooi stemmingen, landschappen en sferen kan oproepen zijn de gedachten die door zijn meestal benevelde hoofd gaan wel poëtisch geformuleerd, maar ze hebben weinig om het lijf. Totdat de sectie wordt uitgebreid met een nieuwe docent Frans, de bohémien Castor Bos, voor wie Lex een brandende, nauwelijks te bedwingen passie opvat. Bos wordt Lex' obsessie. Hij doet hem denken aan zijn vroeg gestorven jeugdvriend. `Bruno heette die, iemand die spanning in de lucht kon voelen. En gek, ineens voelde ik die spanning ook.'

De nieuwe collega blijkt diezelfde capaciteit te hebben: `Aan alles wat Bos meemaakte, leek hij een zinvolle draai te geven, het onder te brengen in een heel eigen huis-, tuin- en keukenkosmologie, terwijl bij hém alles gevolg van gevolg was, met de bekende gevolgen: om half negen weer present morgen.'

Niematz probeert een proces te beschrijven van aantrekken en afstoten tussen de twee docenten in hun bekrompen provinciale wereldje, waar niets onopgemerkt blijft en iedereen slachtoffer wordt van een verstikkende sociale controle. Lex is gefascineerd door Castor maar tegelijkertijd diep jaloers op hem. Hij beschouwt de nieuweling als de verpersoonlijking van alles wat hij zelf mist en hij begint wilde, erotisch geladen fantasieën op hem te projecteren.

Wanneer Bos uiteindelijk mislukt als leraar en zich medisch laat afkeuren, voelt Lex zich een verrader, zonder dat hij goed snapt waarom. Nog één keer gaan ze samen een weekend varen en bij wijze van afscheid mag de voorzitter van de sectie Frans, een zelfingenomen provinciaal die zich extravagant gedraagt maar het niet is, ook mee.

Ze overnachten op de leegte, waar het vroeg in de ochtend eb wordt. Bos gaat lopen op het drooggevallen wad, terwijl de andere twee hun roes uitslapen. Ze worden gewekt door geroep, gaan kijken en ontwaren dat er een dichte mist is neergedaald. De stem van Bos klinkt van heel dichtbij, maar om de een of andere, mij onduidelijke, reden antwoorden de twee aan boord verblijvende mannen niet. Ze laten Bos ronddolen en vervolgens verzuipen in de opkomende vloed.

Het gegeven is romantisch en de afloop mág duister zijn. Maar het verhaal moet, als het goed is, wel ruimte voor interpretatie openlaten. Daarin schiet Niematz dit keer tekort. Zijn karakters hebben zo weinig diepte, hun problemen zijn zo schematisch weergegeven, er is zo weinig spanning dat het tragische slot volkomen uit de lucht komt vallen. Wat een climax zou moeten zijn, is een onverklaarbaar incident. Het drama dat zich moet hebben afgespeeld in de hoofden van de personages en in hun onderlinge relaties komt weinig verder dan wat van schooltoneel kan worden verwacht. Niematz maakt indruk met zijn beheersing van de taal, tot uiting komend in een stijl die verstilling en vervreemding oproept, maar het verhaal doet dat niet, dat is leeg als het landschap waarin hij het situeert.

Max Niematz: Op de leegte. Contact, 176 blz. ƒ34,90

    • Elsbeth Etty