Dobberend nieuws

Nieuws is verslavend, maar nieuws in het buitenland is anders dan nieuws in Nederland. Aflevering 44 in Bas Heijne's serie in het laatste jaar van het millennium.

Rome staat in de steigers en maakt zich op voor het jubeljaar. Verleden, heden en toekomst van het katholieke geloof, het zal hier het komende jaar door een paar miljoen pelgrims bevestigd en gevierd worden. De stad is nog nooit zo eeuwig geweest. In zijn speciale millenniumboekje spoort de paus zelf me aan ter voorbereiding deze hele week de toestand van het milieu op aarde te overpeinzen. Ik zit op een terras en in de Herald Tribune lees ik over een speciaal rapport van de FBI waarin de wereld gewaarschuwd wordt tegen organisaties die eind van het jaar God een handje willen helpen met het einde der tijden. Extreme groeperingen worden nu de eeuwwende nadert nog wat extremer. Er schijnen talloze mensen rond te lopen die vinden dat het leven op aarde lang genoeg heeft geduurd; anderen zijn er vast van overtuigd dat de Verenigde Naties op het punt staan de macht over de wereld te grijpen.

Temidden van zoveel wereldse en bovenwereldse betrokkenheid blijf ik aangenaam onaangedaan, hier op mijn terras. Ik heb genoten van de Nederlandse kranten, juist omdat het me zo weinig kan schelen wat erin staat. Wat thuis aandacht en interesse zou hebben gewekt, waar ik door geschokt zou zijn (`217 doden') of waarover ik me druk gemaakt zou hebben, blijft hier lichtjes dobberen op de oppervlakte van mijn bewustzijn. De meeste Nederlanders denken dat ze in het buitenland ontdekken dat er in Nederland niets gebeurt, maar het is een algemeen gevoel; los van je vertrouwde omgeving beschouw je de wereld ineens met een gevoel dat verdacht veel op onverschilligheid lijkt. Niet je eigen wereld, niet de mensen en dingen die je dierbaar zijn, maar de wereld. Je wenst niemand kwaad toe, maar het is alsof je niet langer deel hebt aan een bestaan waar je je thuis volledig door omhuld wist.

In zijn familiekroniek De eeuw van mijn vader vertelt Geert Mak hoe zijn vader, gereformeerd dominee, eind jaren twintig midden in de heftige controverse over het spreken van de Slang in het Paradijs belandt. In dat hoogoplopende conflict, dat de gereformeerde kerk verscheurt, bevindt Maks vader zich aan de onorthodoxe kant, maar als de druk te groot wordt, capituleert hij en kiest hij onverwacht de kant van de fundamentalisten. Die keuze kost hem zijn beste vrienden, die hij vervolgens ook nog aanvalt in een pamflet. Het moet een zware crisis zijn in het leven van de gelijkmoedige dominee Mak — en wat gebeurt er? Hij vertrekt naar Nederlands-Indië en vergeet de hele boel. Hij is weg en met zijn vertrek laat hij ook de al of niet sprekende slang achter zich. Geen woord lees je er meer over.

Waarschijnlijk is het een soort nestdrang in je zelf – waar je leven is, spin je als vanzelf een cocon van feiten en kwesties en actualiteiten om je heen. Het is een bindmiddel, al dat nieuws, al die discussies, maar het blijkt ook inwisselbaar. Hier in Rome kan de Nederlandse politiek me niets schelen, ook al weet ik dat ik over een paar dagen weer in Nederland ben. En vreemd genoeg laat ook al het andere nieuws me meer onaangedaan dan wanneer ik het thuis tot me neem.

In de massamedia is nieuws een groeimarkt – er kan de consument niet genoeg nieuws zijn, het liefst dag en nacht. Nieuws is verslavend, of de behoefte ernaar nooit gestild kan worden – er gebeurt immers telkens weer iets dat je niet weet. In De eeuw van mijn vader citeert Geert Mak talloze krantenberichten uit de afgelopen eeuw. Die zijn meestal fout of absurd, of absurd fout (`De Duitschers niet verder dan de IJssellinie en de Peel!'), om over de verkondigde opinies in al die kolommen maar te zwijgen. Het opslaan van die oude kranten, dat schept dezelfde afstand als het lezen van een actuele Nederlandse krant in het buitenland – het laat je een wereld zien waar je zelf uitgetreden bent.

Die genoeglijke afstand blijkt uiteindelijk schijn. In het laatste hoofdstuk van zijn boek probeert Mak een beeld van de wereld anno nu te schetsen; dat beeld zal in de toekomst niet minder eigenaardig en achterhaald blijken te zijn als al die oude berichten en pamfletten die hij citeert. En wanneer ikzelf over een paar dagen terug ben in mijn vertrouwde omgeving, schuif ik ongemerkt weer mijn cocon van nieuws en kwesties in. Ik maak me druk over dezelfde zaken die ik hier op mijn terras achteloos laat passeren.

Nieuws, actualiteiten, kwesties, opinies, roddels – ze geven je het gevoel in de wereld te zijn. Het maakt niet uit dat het elders of later van geen wezenlijke betekenis blijkt. Dat gevoel zelf is noodzakelijk – net als mijn illusie dat ik uit die wereld kan stappen, hier op mijn terras, in de zon.

    • Bas Heijne