Congo

De Congolese rebellenleider Lambert Mende, over wie een artikel verscheen in NRC Handelsblad van 30 oktober, heeft slechts smadelijke woorden over voor president Kabila. Maar helaas gaan hijzelf en zijn rebellenbeweging niet vrijuit. Mende, die zich minister noemt, is een goed voorbeeld van het opportunisme dat zovele Congolese politici kenmerkt.

Wij kunnen hem niet geloofwaardig vinden, daar hij in december 1996, toen de opmars van Kabila in het Oosten van Congo in volle gang was, een ministerspost aanvaardde onder de toen nog levende dictator Mobutu. Het verbaast dus niet dat hij een vijand is van Kabila, die zijn droom van een ministerschap wreed verstoorde.

Hoe men ook over Kabila mag denken, het is algemeen bekend dat de Congolese bevolking niets op heeft met de diverse Congolese rebellenbewegingen. De bevolking in het oosten van Congo beleeft de situatie momenteel als een bezetting door vreemde mogendheden en niet als een bevrijding door eigen militairen. Oeganda en Rwanda hebben troepen in Congo gestationeerd tot circa duizend kilometer van hun eigen grenzen. Wie gelooft nog dat deze twee staten slechts de bescherming van hun land en bevolking beogen? Dat te geloven zou getuigen van naïviteit: dagelijks vervoeren Oegandese en Rwandese vliegtuigen en vrachtwagens kostbare mineralen als goud en diamant naar Kampala en Kigali, mineralen die geroofd worden uit de rijke Congolese bodem.

Mende klaagt over de mensenrechtenschendingen door Kabila, maar laat na de hand in eigen boezem te steken. Sinds de rebellie door hem en zijn collega's zijn honderdduizenden Congolezen uit Oost-Congo op de vlucht geslagen en mensenrechtenorganisaties maken melding van massale slachtingen onder de burgers van het door hen bezette gebied. Zo vredelievend zijn deze rebellen van Mende dus niet en het was slechts na tussenkomst van Zuid-Afrika dat individuele rebellenleiders hun handtekening onder het Lusaka-vredesakkoord wilden zetten. Dit akkoord, dat op 10 juli getekend werd door de staatshoofden van de zes bij de oorlog betrokken landen, te weten: Oeganda, Rwanda, Zimbabwe, Namibië, Angola en de Democratische Republiek Congo, is door de rebellen herhaaldelijk geschonden. Enkele neutrale bemiddelaars die de dialoog tussen de diverse Congolese partijen op gang willen brengen, zijn tot op heden door de rebellenbewegingen niet aanvaard.

    • Nelly Koetsier
    • Werkgroep Congo-Ned
    • Congolese Gemeenschap Nederland
    • Jean Biampata