Vlag VS en Uncle Sam weer ritueel verbrand in Teheran

Duizenden jonge Iraniërs hebben vanochtend de 20ste verjaardag van de bezetting van de Amerikaanse ambassade in Teheran gevierd met de rituele verbranding van Amerikaanse vlaggen en beeltenissen van Uncle Sam. Sprekers bij het gebouw van de toenmalige ambassade, dat nu een hoofdkwartier van de paramilitaire Revolutionaire Garde is, haalden uit naar politici die oproepen tot verbetering van de betrekkingen met de Verenigde Staten.

De demonstratie van vanochtend contrasteerde scherp met een betoging die 500 studenten gisteren voor dezelfde gelegenheid op het terrein van de Universiteit van Teheran hielden. Die betogers onthielden zich van anti-Amerikaanse uitingen. Zij scandeerden: ,,In de politiek en diplomatie zullen we rationeel met de VS omgaan''.

De regering van president Mohammad Khatami heeft de afgelopen twee jaar contacten mogelijk gemaakt met niet-officiële vertegenwoordigers van de VS – om, uiteindelijk en na voldoende gebaren van de zijde van Washington, tot een normale verhouding te komen. In deze opstelling past ook de oproep van een Iraanse politicus, hojatoleslam Montajabnia, van gisteren om vandaag geen vlaggen te verbranden tijdens betogingen. Hij stelde voorts dat de ook vandaag weer aangeheven kreet `Dood aan Amerika' waar blijft als symbool van de Iraanse strijd tegen het onderdrukkend gedrag van Amerikaanse regeringen, maar nooit vijandigheid van het Iraanse volk tegenover de Amerikanen heeft betekend.

Maar conservatieve leiders in Iran verzetten zich met hand en tand tegen een toenadering. ,,Amerika wil geen relaties met Iran'', riep vanochtend Mohsen Rezai, ex-commandant van de Revolutionaire Garde. ,,Het wil dat Iran zich overgeeft en afhankelijk wordt!'' De betoging eindigde dan ook met een resolutie dat ,,wij altijd Amerika als onze vijand zullen beschouwen''.

Met de bezetting van de ambassade begon in 1979, negen maanden na de geboorte van de Islamitische Republiek, de 444 dagen durende gijzeling van Amerikaans ambassadepersoneel. De dag zelf is sindsdien een feestdag, de `Dag van de Strijd tegen de Arrogantie'. (AFP, AP)