Vaatwassen

Met de hand de vaat doen hoeft helemaal niet vervelend te zijn. Wel vervelend soms is het tijdstip – net na het avondeten. Kleine kinderen moeten worden voorgelezen, grotere geholpen met huiswerk. En sommige mensen hebben het wel gehad na een dag van druk-druk-druk. Dan kan een vaatwasser behulpzaam zijn.

Wie overweegt een vaatwasser aan te schaffen, moet een kritische blik op zijn servies, bestek en pannen werpen. Dat antieke bestek met benen heft gaat onherroepelijk kapot, het servies met gouden biesjes en kwetsbare beschilderingen zal de vaatwasser niet overleven. Aluminium pannen hebben erg te lijden van het agressieve vaatwasmiddel. En kijk eens naar de kopjes en de kommetjes: hebben ze aan de onderkant een rand waar veel water in blijft staan? Als dat allemaal zo is, begin er dan niet aan.

Waar komt de vaatwasser te staan? Meestal in de keuken. Wie een open keuken heeft, moet overwegen een extra stille vaatwasser te nemen. Het urenlange gebrom en gebruis gaat op den duur ergeren. En wie over goedkope nachtstroom beschikt, moet een vaatwasser nemen met tijdklok. Het is een fijn gevoel om 's nachts een ijverige huisknecht bezig te weten en het scheelt in de stroomkosten.

Een vaatwasser is een eenvoudig ding. Het is een kast met wat pompen en zeven en een verwarmingselement, die door een regelklok bediend worden. De sproeiarmen draaien door waterdruk en spuiten omhoog, zoals een ouderwetse tuinsproeier. Omdat de pannen, schaaltjes, kopjes en kommetjes op hun kop staan, werkt de harde straal zeer effectief. Het vuil valt omlaag en wordt door een zeef tegengehouden. Na afloop van de spoelgangen wordt het vuil afgevoerd. Al te grove brokken kunnen niet door de pompen en verstoppen de zaak. Notoire verstoppers zijn kauwgom, kaaskorsten, stukjes zenig vlees en kersenpitten. Het inruimen van de vaatwasser is dan ook geen karweitje voor onverschillige pubers.

De meeste vaatwassers staan op de grond, maar dat is niet ideaal want dan moet je bukken. Als het kan, zet de machine dan op een verhoging, dat werkt een stuk makkelijker. Het is het gebukte in- en uitruimen dat bij een vaatwasser nog heel wat inspanning vergt. (Toen in de jaren zeventig de afwasmachines in Nederland wat gangbaarder werden, stak Piet Grijs er de loftrompet over. Hij zette de hele vaat erin en schafte de servieskast af – schreef hij. Voortaan had hij nog maar één kast nodig: de vaatwasser. Wat hij nodig had pakte hij eruit en aan het eind van de dag zette hij de machine aan. Maar de methode-Grijs werkt niet. De uitdruipende etensresten maken de schone vaat vuil. De oplossing voor dit probleem is: twee vaatwassers. Een voor de vuile en de andere voor de schone vaat. De volgende dag omgekeerd.)

Het water- en het energieverbruik is zeker zo gunstig als bij de handafwas. Een vaatwasser is wel duurder. Behalve de aanschaf heb je ook de chemicaliën: het vaatwasmiddel, het spoelglansmiddel en het regenereerzout voor het ontkalken van het laatste spoelwater. De vulopening van het zoutreservoir zit meestal moeilijk achterin. Een brede trechter, gemaakt van een doorgesneden fles, helpt.

Wat zijn de meest voorkomende storingen? Vaak komt de bovenste sproeiarm tegen een hoog voorwerp. De etensresten blijven zitten en worden tijdens de droogstap nog eens extra vastgebakken. Een klein rampje is als een licht plastic voorwerpje omhoog wordt gespoten en op de verwarmingselementen komt. Het smelt onder rookontwikkeling. Minder erg: verstopping van het afvoerkanaal. Je merkt het door een afwijkend geluid. De pomp krijgt te weinig water. Dat euvel kun je eenvoudig verhelpen door alle zeven eruit te nemen en met een klein stokje de verstopping onderin de machine weg te peuteren.

Wie voor het eerst de vaat uit de machine haalt, is meestal erg enthousiast: wat is alles mooi schoon! Maar na verloop van tijd ogen de glazen vaak geëtst of grauw. Dat etsen komt door te sterk wasmiddel, de grauwheid door aangekoekt, vastgebakken zetmeel, afkomstig van rijst- en aardappelresten die door de vaatwasser opvallend slecht weggespoeld worden. Verwijder die van tevoren met een afwasborstel. Met een vaatwasser krijg je daarentegen kammen en (plastic) borstels prachtig schoon, ook oude tandenborstels en zelfs wc-borstels!

Ten slotte: varieer eens wat met het vaatwasmiddel. Wat het ene middel niet weg krijgt, lukt het andere wel. Gebruik niet standaard het sterkste middel en gebruik vooral niet te veel.

    • Rob Biersma