Leerlingen op basisscholen rekenen slechter

Leerlingen aan het einde van de basisschool zijn de laatste tien jaar slechter geworden in rekenen. Dat blijkt uit onderzoek van het instituut voor toetsontwikkeling Cito.

Alleen in het zogeheten schattend rekenen zijn de scholieren van rond de twaalf jaar beter dan in 1989. De prestaties bij het cijferen (optellen, aftrekken, delen en vermenigvuldigen), meten en hoofrekenen zijn minder.

Volgens het Cito zijn de prestaties van scholieren die werken met nieuwe – zogenoemde realistische – rekenmethoden beter dan die van leerlingen die leren via oudere methoden. Door de introductie de afgelopen vijf jaar van moderne methoden van rekenonderwijs behoort Nederland, na Japan en Korea, tot de wereldtop in het rekenen. Ondanks de dalende prestaties scoren Nederlandse kinderen nog steeds hoog.

Allochtone leerlingen blijven bij het rekenen ver achter bij autochtonen, zo blijkt uit het rapport. Ook zijn de prestaties van jongens nog altijd beter dan die van meisjes. Alleen bij het cijferen zijn de prestaties gelijk.

Het Cito heeft geen onderzoek gedaan naar de oorzaken van de mindere prestaties in vergelijking met tien jaar geleden. Ook hoogleraar wiskunde Adri Treffers moet naar de redenen gissen. ,,Het niveau daalt, ondanks de nieuwe rekenmethoden waarmee betere resultaten worden behaald. Dat is hoogst merkwaardig'', aldus Treffers.

Op het Panamacongres over het reken- en wiskundeonderwijs dat dezer dagen wordt gehouden in Noordwijkerhout wordt volgens Treffers door deskundigen druk gespeculeerd over de oorzaken. Treffers: ,,Wellicht dat studenten op de Pabo's onvoldoende worden klaargestoomd om goed rekenonderwijs te geven. Maar het kan ook komen doordat zwakkere leerlingen steeds vaker binnen het reguliere onderwijs worden opgevangen in plaats van op speciale scholen. Of misschien krijgen kinderen door het lerarentekort en de vele adv-dagen te vaak les van verschillende leerkrachten. Dat moet onderzocht worden.''