Opmars van rebellen in Sierra Leone

Duizenden gewapende rebellen van het Revolutionary United Front (RUF) verlaten hun schuilplaatsen in het oerwoud van Sierra Leone en rukken op naar Okra Hill, 65 kilometer van de hoofdstad Freetown.

Dat schrijven plaatselijke kranten. Okra Hill is het hoofdkwartier van de andere grote rebellenorganisatie AFRC. De opmars vormt een ernstige bedreiging voor het vredesakkoord dat op 7 juli na acht jaar burgeroorlog is gesloten.

Het dagblad Awoko trekt een vergelijking met de inname begin vorig jaar van Freetown door de rebellen waarbij 5.000 doden vielen en een groot aantal gruweldaden werd gepleegd. In een hoofdredactioneel commentaar waarschuwt de krant dat alle voortekens voor een herhaling aanwezig zijn. Volgens de krant gebruiken de rebellen onderlinge gevechten als excuus om een aanval op Freetown voor te bereiden.

De Verenigde Naties hebben hun ,,grote ongerustheid'' uitgesproken over aanhoudende gevechten tussen rivaliserende rebellengroepen. Volgens de VN is nog steeds sprake van troepenbewegingen en worden ook nog gruweldaden gepleegd. De speciale vertegenwoordiger van VN-secretaris-generaal Kofi Annan in Sierra Leone, Francis Okello, zei dat de rebellenleiders zich niet aan het vredesakkoord houden of niet in staat zijn hun veldcommandanten en voetvolk in de hand te houden. Een vredesmacht van de Verenigde Naties wordt volgende maand verwacht in Sierra Leone. Deze 6.000 militairen zullen samenwerken met de 7.000 soldaten van de West-Afrikaanse vredesmacht ECOMOG die de regering steunt.

De beide rebellenorganisaties, de RUF van Foday Sankoh en de AFRC van Johnny Paul Koroma, hebben jarenlang zij aan zij gevonden. Maar sinds het begin van de vredesonderhandelingen dit voorjaar is een verwijdering ontstaan. Koroma verweet Sankoh dat hij bij de besprekingen niet was opgekomen voor de belangen van de AFRC. De afgelopen maanden is het regelmatig tot een gewapend treffen tussen de twee rebellengroepen gekomen. Bij gevechten in de plaatsen Makeni en Lunsar zijn vorige week tenminste honderd rebellen gedood.

Rebellenleider Koroma heeft zich gisteren beklaagd over de aanvallen van de RUF op zijn AFRC. Hij verweet de West-Afrikaanse vredesmacht dat ze niet ingreep. Maar hij onderstreepte dat zijn organisatie zich houdt aan het vredesakkoord.

Ondanks de toenemende spanningen tussen de twee rebellengroepen heeft president Tejan Kabbah zijn nieuwe regering gisteren gepresenteerd als ,,een ploeg van verzoening''. In die regering zijn drie ministers en vier staatssecretarissen opgenomen die de rebellenorganisaties vertegenwoordigen. Kabbah zei ervan uit te gaan dat regeringsvertegenwoordigers van RUC en AFRC zullen samenwerken ,,in het nationaal belang''.

Rebellenleider Sankoh was al eerder aangewezen als vice-president. Zijn vroegere bondgenoot Koroma leidt de commissie die een nationaal verzoeningsproces op gang moet brengen. (Reuters)