CDA komt niet toe aan scherpe vragen aan Peper

Het CDA heeft gisteren aan minister Peper (Binnenlandse Zaken) niet de scherpe vragen kunnen stellen die het vooraf had aangekondigd. De griffie van de Kamer heeft deze vragen om procedurele reden afgewezen, omdat de SP'er Kant hierover drie weken geleden al schriftelijke vragen aan de minister had gesteld.

CDA-woordvoerder Van der Hoeven zegt dit in reactie op kritiek van GroenLinks-leider Rosenmöller, die constateerde dat Van der Hoeven buiten het parlement krachtiger taal over Peper heeft gesproken dan zij gisteren in de Tweede Kamer waarmaakte.

Peper verscheen bij het `vragenuurtje' na publicaties in het Algemeen Dagblad, vorige week, over vermeend misbruik van gemeenschapsgelden in zijn periode als burgemeester van Rotterdam.

De CDA'er Van der Hoeven had eind vorige week aangekondigd dat zij Peper, als verantwoordelijk minister voor de kwaliteit van het openbaar bestuur, zou ondervragen over zijn persoonlijke integriteit in relatie tot komende onderzoeken in Rotterdam. Uiteindelijk beperkte Van der Hoeven zich in de Tweede Kamer tot de constatering dat de minister ,,het voortouw heeft in discussies rond de integriteit van ambtenaren en bestuur''. Zij vroeg de minister slechts in te stemmen met de CDA-opvatting dat ,,het openbaar bestuur erbij gebaat is dat zo snel mogelijk opheldering wordt verschaft over de positie van de minister in relatie tot het Rotterdamse onderzoek''. De minister kon deze vraag met een eenvoudig `ja' beantwoorden. Over zijn persoonlijke integriteit hoefde Peper vervolgens geen vragen te beantwoorden.

Van der Hoeven zegt in een toelichting dat zij graag ,,andere vragen aan Peper had gesteld'', maar dat zij zich heeft neer te leggen bij de regels van de Kamer.

Het antwoord op de schriftelijke vragen, op 8 oktober door de SP'er Kant gesteld, kwam overigens afgelopen vrijdag. Minister Peper gaat hierin vragen over integriteit uit de weg door te stellen dat ,,het gemeentebestuur van Rotterdam verantwoordelijk is'' voor onderzoeken naar financieel handelen van bestuurders.

Van der Hoeven erkent dat zij gisteren ,,geen verhelderende antwoorden'' van de minister heeft gekregen. Als enige winst van haar interventie ziet zij dat Peper heeft beloofd de Tweede Kamer in december een afschrift van het Rotterdamse onderzoek te sturen, voorzien van een reactie van het kabinet. Van der Hoeven was voor het het stellen van haar vragen een halve dag eerder teruggekomen van een werkbezoek in Berlijn. Minister Peper was gisteren in enkele minuten klaar met het beantwoorden van de Kamervragen en besteedde vervolgens geruime tijd aan het beantwoorden van vragen van diverse media. Gistermorgen had hij aangekondigd dat hij de eventuele opbrengst van een schadevergoeding van het Algemeen Dagblad zou bestemmen voor het dikhuidenverblijf van de Rotterdamse diergaarde Blijdorp.