Armeniërs vragen zich af: wie gaf de opdracht?

Op wiens bevel werd vorige week in Jerevan de politieke top van Armenië uitgemoord? De Armeniërs speculeren: het bloedbad kan passen in `the great game' om de Kaspische olie.

De Russen bieden misdaadexperts, de Amerikanen metaaldetectors. Twintig stuks. Premier Vladimir Poetin was de eerste die het condoléanceregister tekende, op de Armeense ambassade in Moskou. Daar stond tegenover dat de Amerikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken, Strobe Talbott, het snelst in Jerevan arriveerde.

Alles telt in het gesolliciteer om de gunst van president Robert Kotsjarian, die vorige week na de moord op de politieke elite van Armenië als enige gekozen bestuurder achter bleef. De kleine Kaukasus-republiek, met nog geen drie miljoen inwoners, is `onthoofd' sinds de overvallers met ratelende mitrailleurs in Mad Max-stijl de premier en zeven andere politici vermoordden.

,,Wij steunen de president van Armenië'', zei Poetin. ,,Wij ook'', herhaalde Talbott voor de zekerheid. Geen onwelkome opsteker voor een staatshoofd dat even door zijn leger opzij geschoven dreigde te worden. Tot gistermiddag gonsde het in Jerevan van de geruchten over een op handen zijnde putsch. Bij het parlementsgebouw liepen maandag militairen zenuwachtig heen en weer. Patrouilleren kon je het niet noemen. ,,Wij wachten op antwoord van de president'', zeiden ze.

Het leger is kwaad over een serie onopgehelderde moorden. De golf aanslagen begon vorig jaar juli (de procureur-generaal), kreeg in december een vervolg (de onderminister van Defensie) zette in februari van dit jaar door (de onderminister van Binnenlandse Zaken) en culmineerde vorige week in het bloedbad in het parlement. Nu is het basta, zegt de legerleiding, en in een communiqué dat elk uur op de televisie werd herhaald eist zij het ontslag van de huidige procureur-generaal en twee ministers, wegens nalatigheid.

Maandagavond verschenen er plotseling pantserwagens bij het vliegveld. Gisteren riep een generaal in de stad Ararat zijn regiment op om de terroristen eigenhandig te berechten, en ,,als het moet'' naar Jerevan op te trekken. De spanning ebde pas weg nadat de minister van Veiligheidszaken zijn ontslag had aangeboden, in navolging van zijn collega van Binnenlandse Zaken. De gehekelde procureur was al op non-actief gesteld.

De tragedie, de zoveelste in de geschiedenis van dit in 1915 door de Turken gedecimeerde volk, grijpt diep in op de Armeense poging-tot-democratie. Maandag bleek dat niemand het parlement bijeen kon roepen: volgens de grondwet is dat recht voorbehouden aan de parlementsvoorzitter en zijn beide adjuncten. En die waren alle drie vermoord.

Door over dat hiaat heen te stappen, een nieuwe voorzitter te kiezen en een broer van de vermoorde premier Sarkisian als zijn opvolger voor te stellen krabbelt Armenië langzaam op. Nu breekt de tijd van de macabere theorieën aan. Iedereen is ervan overtuigd dat het terreurcommando een moord-op-bestelling heeft uitgevoerd. Vertwijfeld gissen de Armeniërs naar de identiteit van de opdrachtgever. ,,De Russen zitten erachter'', zegt de een. ,,Nee, de Amerikanen, zegt een ander. Of president Robert Kotsjarian zelf (die bang was dat zijn premier hem zou overvleugelen). Of de mafia.

Sergej Borisovitsj, redactiechef van het weekblad Moskovski Novosti, speurt in Jerevan naar de onzichtbare hand van het Kremlin. ,,Die dronken president van ons heeft de hele Kaukasus verkwanseld'', doceert hij. ,,Het olierijke Azerbajdzjan zijn we kwijt; Georgië wil lid worden van de NAVO! Alleen het pro-Russische Armenië is nog een buffer tegen de oprukkende Amerikanen.''

Vandaar dat het bezoek van Strobe Talbott aan Jerevan, nota bene op de dag van het bloedbad, al zijn aandacht opeist. Wat had de Amerikaanse gezant daar te zoeken? Westerse diplomaten hebben laten doorschemeren dat er een deal in de maak was over het slepende conflict met Azerbajdzjan over de Armeense enclave Nagorny Karabach, die na een bloedige oorlog in 1994 met Russische steun onder Armeense controle kwam. De facto is deze bergstreek nu een satellietstaatje van Armenië, de jure is het Azerbajdzjaans grondgebied.

Terwijl Moskou doorgaat met het leveren van wapens aan Armenië, probeert Washington het land te bevrijden uit de Russische houdgreep. Talbott zou de statuskwestie van Nagorny Karabach praktisch hebben opgelost (het zou een autonome republiek binnen Azerbajdzjan worden met een eigen leger en een eigen munt) en daarmee de weg hebben vrijgemaakt voor toenadering tussen de erfvijanden Armenië en Turkije.

Een van de macabere versies – die Moskovski Novosti serieus onderzoekt – wil dat Moskou dat vredesproces heeft ontwricht door de slachting aan te richten. ,,Rusland en Amerika staan als kemphanen tegenover elkaar op de Kaukasus'', schrijft ook de Armeense krant Nieuwe Tijd. Het nietige Armenië zou een speelbal zijn van de grote mogendheden die hun oog hebben laten vallen op de olierijkdom van de Kaspische Zee. Inzet van die great game zijn de tientallen miljarden dollars die er te verdienen zijn zodra er een pijpleiding van de Kaspische naar de Zwarte of de Middellandse Zee loopt. Er wordt geboord en gepompt, maar de olie wil nog niet echt vloeien. Daarvoor moet eerst de strijd om de pijplijnroutes door de Kaukasus worden beslecht, waarbij Rusland de bestaande leiding over zijn grondgebied prefereert – desnoods met een bypass om het opstandige Tsjetsjenië heen.

Er loopt inmiddels een onaanzienlijk stroompje olie naar Georgië, maar ook die route is zeer kwetsbaar. De Amerikanen hebben een voorkeur voor de op het eerste gezicht onmogelijke route naar de Turkse Middellandse zeehaven Ceyhan, via Armenië. Dat verklaart de pendeldiplomatie van Strobe Talbott tussen Baku, Jerevan en Ankara. Het was de bedoeling, zeggen ingewijden, dat er op de top van de OVSE (Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa) in Istanbul, op 18 november, een sensationeel vredesverdrag over deze zuidflank van de Kaukasus zou worden ondertekend.

De Azerbajdzjaanse president Aliyev suggereerde onlangs voor het eerst openlijk dat de olie via Armenië zou kunnen worden afgevoerd. Dat is gezien het recente verleden ongekend. Even ongekend is de plotselinge Turkse toenadering tot Armenië. Al onderhouden deze buren geen diplomatieke betrekkingen en zit de grens potdicht, voor het eerst stuurde Ankara een regeringsgezant naar Jerevan voor het bijwonen van de begrafenissen. De zwaarste delegatie was echter de Russische. Veel Armeniërs geloven juist dat Washington hun leiders heeft laten uitmoorden. Zij benadrukken dat de vermoorde premier een pro-Russische nationalist was, een oorlogsheld die de enclave Nagorny Karabach, anders dan de president, niet wenste te ,,verraden''. En dus moest hij uit de weg worden geruimd.

    • Frank Westerman