Vonnis Tjoelker bekrachtigd

Het cassatieverzoek van een verdachte in de Tjoelker-zaak, de 26-jarige M. ten C. uit Leeuwarden, is vanmorgen door de Hoge Raad der Nederlanden verworpen. Hierdoor blijft de uitspraak van het Leeuwarder gerechtshof van januari dit jaar in stand. Het hof veroordeelde Ten C. toen tot een gevangenisstraf van tweeëneenhalf jaar wegens zware mishandeling, die Tjoelkers dood tot gevolg had. Tjoelker kwam in september 1997 bij een vechtpartij in de binnenstad van Leeuwarden om het leven. Zijn dood leidde tot een landelijk protest tegen straatgeweld. De eis in hoger beroep tegen Ten C. en een andere verdachte, een 28-jarige inwoner van Stiens, was vier jaar. Ten C. ging in cassatie bij de Hoge Raad omdat hij het oneens was met een verzwaring van de tenlastelegging van het openbaar ministerie, die het hof had aanvaard. De Leeuwarder werd in januari dit jaar voor het hof aangeklaagd voor medeplegen van doodslag en zware mishandeling de dood van Tjoelker tot gevolg hebbend, terwijl hij voor de rechtbank was aangeklaagd wegens openlijke geweldpleging. De Hoge Raad oordeelt dat het hof de wijziging van de tenlastelegging had mogen toestaan. Er was ,,geen enkele reden'' voor het hof, aldus het rechtscollege, om de zaak, ,,na een dergelijke wijziging opnieuw aan de rechtbank ter berechting voor te leggen. Het hof kon de zaak dus zelf afdoen.'' De advocaat van Ten C., mr. J. Boksem, had om een terugverwijzing naar de rechtbank gevraagd.

Voor de Leeuwarder rechtbank luidde de aanklacht in december 1997 openbare geweldpleging, omdat het OM niet kon bewijzen wie van de vier verdachten Tjoelker de fatale schop had toegebracht. Ten C. en de man uit Stiens werden door de rechtbank veroordeeld tot 24 maanden celstraf, waarvan acht voorwaardelijk wegens openlijke geweldpleging.