Boomvrouw

De veerboot over de Noorse Hardangerfjord legde aan in Utne; al vanaf het dek had ik gezien dat het dorpje een bibliotheek en een hotel rijk was. Het houten hotel schijnt het oudste van Noorwegen te zijn. Ik besloot er de lunch te gebruiken. Ik werd naar een vertrek geleid waar gedekte tafels met zilveren bestek de komst van gasten verbeidden. Voor de lunch kon ik kiezen tussen steinbit (zeewolf) of breiflabb (zeeduivel).

Om mij heen stonden beschilderde kasten, de Noorse variant van het Hindelooper type. Pas daarna viel mijn oog op het schilderij dat boven mijn tafel aan de wand hing: ik zag een soort boomvrouw, gezeten op een rots, die door een kabouter op haar rug werd gekrabd. Aan de handen en het hoofd van de vrouw ontsproten lange takken, als bij een knotwilg; op haar kruin hadden eksters een nest gebouwd. De mollige kabouter leek haast een Rien Poortvliet-creatie. Wat werd hier nu precies uitgebeeld?

De vrouw, die mij de maaltijd bracht, wist het niet. `Wie is de schilder?' vroeg ik vervolgens. Ze schudde haar hoofd, maar was wel zo vriendelijk dit aan iemand in de keuken te vragen. `Bergsteen', zei ze, toen ze terugkwam, althans zo verstond ik de naam. `Een bekende schilder.' Ik nam me voor die naam thuis op te zoeken. Vervolgens nam ik een foto van het doek.

Nu, maanden later, heb ik mijn zoektocht naar Bergsteen opgegeven. De man komt niet in handboeken over Scandinavische schilderkunst voor. Ook niet onder de naam Berg Steen of andere vergelijkbare namen. Ik stiet alleen op Richard Bergh, een Zweedse schilder die, voor hij naar Parijs vertrok, vele taferelen uit de Scandinavische geschiedenis en folklore op het linnen had vastgelegd. Maar onder het lage plafond van het hotel in Utne had niemand het woord Richard laten vallen. Bovendien hangen Zweedse schilders bijna altijd in Zweedse huizen en musea, en Noorse in Noorse.

Links onder in de hoek van de foto meende ik iets van een signatuur te kunnen zien. Ik kocht een vergrootglas, maar dat hulpmiddel leverde verder geen nuttige informatie op.

De volgende vraag was: welk stukje folklore werd door de onbekende schilder op het doek gezet? Natuurlijk wendde ik mij eerst tot het Folkloristisch woordenboek van K. ter Laan. Onder `kabouters' staat: `aardgeesten in de vorm van dwergen; zie aardmannetjes'. Onder dat lemma volgt een lang verhaal over mannetjes die de mens graag een handje helpen, zolang men ze niet tegen zich in het harnas jaagt. 's Nachts schuren ze het koperwerk, malen het graan voor de molenaar en wassen het linnen. Het gaat hier om getemde natuurgeesten, die de rol van huisgeest spelen.

In Scandinavische volksverhalen, zo lees ik in de Larousse, zijn kabouters de bewoners van bergen en mijnen. Zij zijn meesters in het smeden van magische wapens. Op zomerse nachten komen zij bovengronds en feesten dan tot de dageraad. Wie een goede raad van hen krijgt, moet die zeker opvolgen, want kabouters hebben de wijsheid in pacht.

Dat zij een oud mens, of desnoods een wilgenvrouw, wel eens op de rug krabben, wordt nergens vermeld. Wel dat ze vaak diep in het bos wonen, soms in een boom of onder een wortel. Misschien woonde deze Noorse kabouter in een holletje onder de wilg en was hij zo vriendelijk zijn gastvrouw van de jeuk op haar bast af te helpen.

Tijdens mijn zoektocht stiet ik ook op een curieus boekje, met de titel Kabouters zien? Anders kijken! van Henriëtte Gorter. Daarin staan verhalen van mensen die in het vrije veld kabouters hebben gezien. Een enkeling zag zelfs een hele stoet voorbijkomen. Leden van het kleine volk droegen onveranderlijk puntmutsen en bruine of groene kleding. Over hun schouder hielden zij een harkje of schoffeltje vast.

Volgens de schrijfster is een kabouter door een hogere macht aangesteld om de in de aarde verborgen schatten te beschermen. Dat is ook de reden waarom men er vroeger zo op gebrand was contact met deze schatbewaarders te leggen. Door met houten pendel de natuur in te gaan. Kruist de pendel hun spoor, dan reageert hij meteen. Het is dan nog een hele klus hun woonplaats op te sporen, waarbij de nodige kennis van magische tekens een vereiste is. Helaas, Henriëtte heeft nooit gezien dat een kabouter met zijn harkje over de bast van een boom krabde.

Kortom, ik heb alleen een foto van een intrigerend schilderij in handen. Zit er een verhaal achter? Wie is de schilder? Weet iemand het antwoord?

    • Gerrit Jan Zwier