Alaska tegen fusie BP Amoco-Arco

Gouverneur Tony Knowles van Alaska heeft gisteren de regering-Clinton gevraagd het plan van oliemaatschappij BP Amoco voor overname van branchegenoot Atlantic Richfield Co. (Arco) te blokkeren.

Knowles protesteerde al eerder tegen de overname, omdat het Brits-Amerikaanse concern met Arco zijn belang in de olie- en aardgaswinning in Alaska zóver zou versterken dat er bijna een monopolie ontstaat. Zijn verklaring van gisteren werd echter uitgelokt door pogingen van BP Amoco en Arco om het onderzoek van de federale commissie voor de handel (FTC) te bespoedigen. De oliebedrijven deden dat door dossiers bij de FTC in Washington te deponeren.

De federale antitruswetgeving bepaalt dat de FTA binnen 20 dagen nadat betrokken ondernemingen alle benodigde gegevens hebben verstrekt, een beslissing over een overname of fusie moet nemen.

De gouverneur beschuldigde BP Amoco ervan de FTC nu onder druk te zetten om ,,de tijdklok in werking te stellen''. Daarmee breekt het concern volgens Knowles zijn belofte om de onderhandelingen in goed vertrouwen te voeren en sterk rekening te houden met de gevolgen voor de staat Alaska. ,,De overname van Arco in zijn huidige vorm betekent een zodanige beperking van de concurrentie dat antitrustwetten op federaal niveau als op het niveau van de staat worden geschonden'', schrijft Knowles in een brief aan FTC-voorzitter Robert Pitofsky.

Een woordvoerder van BP Amoco ontkende dat het concern probeert een snelle beslissing van de FTC los te krijgen. ,,We hebben niet meer gedaan dan de formele vaststelling dat alle benodigde documenten nu in het bezit zijn van de commissie. Vanaf het eerste begin hebben we steeds gezegd dat het ons doel is om voorafgaande aan definitieve goedkeuring van de overname door de FTC eerst overeenstemming met de staat te bereiken'', aldus de woordvoerder van BP Amoco in Alaska.

,,BP Amoco onderhandelt over verlenging van de termijn voor de fusie-onderhandelingen, die nog steeds ook onderhandelingen met de staat en de FTC mogelijk maakt.''

Volgens de woordvoerder treedt de termijn van 20 dagen nog niet in werking zolang de onderhandelingen voortduren. Maar hij onderstreepte wel dat het gebruikelijk is om een dergelijke verlenging aan een tijdslimiet te binden.

Behalve een veel groter marktaandeel in raffinage en verkoop van brandstoffen zou BP Amoco met Arco een belang van 70 procent in de olieproductie in de regio North Slope krijgen en 72 procent in de exploitatie van de trans-Alaska pijpleiding. (AP)