Oog op de dader

,,DE BENADEELDE is geheel in de schaduw geplaatst.'' Zo klaagde een jurist al meer dan honderd jaar geleden in een proefschrift over slachtoffers van misdrijven. De aandacht voor het slachtoffer is met name in het afgelopen decennium van onze eeuw opgeleefd. Maar er blijft een handicap: ,,Het strafrechtelijk systeem is gericht op de dader, diens slachtoffer vervult daarin hoogstens een bijrol'', zoals dat eens werd uitgedrukt in de toelichting op een naoorlogse Justitiebegroting.

Deze rolverdeling valt te herleiden tot de grondslagen van het strafrecht. ,,Elk misdrijf wordt geschreven met het oog op de dader'', zei minister Modderman, de geestelijke vader van het Wetboek van strafrecht, in de vorige eeuw. Van de reden voor deze rolverdeling is nooit een geheim gemaakt. De wetgever wilde voorkomen dat wraakzucht van het slachtoffer het verloop – of zelfs de uitkomst – van de strafrechtelijke procedure zou kunnen bepalen. De openbare aanklager is dan ook bewust dominus litis (letterlijk: heer van het proces) gemaakt.

Dat maakt dat mensen die strafrechtelijk zijn geschaad door een ander, hun eigen verhaal moeilijk kwijt kunnen bij de rechter. Ze kunnen worden gehoord als getuige, maar in dat verhoor staat de tenlastelegging – dus toch weer de dader – centraal. Wel is er een speciale mogelijkheid een eis tot schadevergoeding te laten meelopen in de strafzaak. Maar geld is niet alles. Het Kamerlid Dittrich (D66) wil nu een `spreekrecht' voor slachtoffers in strafprocessen introduceren. Overigens zonder dat dit ten koste gaat van de rechten van de verdachte.

MINISTER KORTHALS (Justitie) heeft al direct zuinig gereageerd op dit voorstel. Dat is wel begrijpelijk, want zo'n spreekrecht leidt al gauw tot langere zittingen. Ook is het eenvoudiger gezegd dan gedaan dat het spreekrecht niet ten koste gaat van de rechten van de verdachte. Aan de diagnose van Dittrich valt echter niet voorbij te gaan. Hij kan zich beroepen op een geharnast verdediger van de rechten van de verdachte als de hoogleraar strafrecht en advocaat T. Prakken. Zij heeft gesignaleerd dat ,,het slachtoffer in Nederland nog steeds minder rechten heeft dan waar ook in Europa om zèlf iets te ondernemen tegen degene die hem op strafrechtelijk relevante wijze heeft benadeeld''.